Screenshot_33

(Door: Martien Pennings)

Ik moet deze tekst uit 2006 even inleiden. Omdat vanuit het perspectief van 2013 toch nog wat extra kanttekeningen zijn te maken bij het debat in Buitenhof op 18 juni 2006 tussen Wouter Bos en Maxime Verhagen. Zij zijn niet de enige minder begaafden die in dit opstel aan de orde komen, maar het debat tussen deze twee huichelaars is toch wel een bijzonder stukje in het boek “Geschiedenis van de Stupiditeit van onze Quasi-Linkse Nep-Elite”. Normaal zou in zo’n gedroomde boektitel ook een begrenzing in de tijd aangegeven moeten worden. Dat is helaas niet mogelijk, want ze gaan anno 2013 nog steeds door, onze Leidende Lemmingen, strak en in hoog tempo richting afgrond. Totaal onwetend, feitenresistent, een looien plaat voor de kanis, zalig badend in de illusies die ze projecteren in de EUSSR en de oudste manifestatie van wat wij een Nazi-mentaliteit noemen, namelijk de islam, blijven ze maar beweren dat al wat de islam in deze wereld aanricht niks met de islam te maken heeft. En ze beheersen met hun subsidienetwerken nog steeds de hele politiek, alle media en het hele onderwijs.

Nou moet ik Verhagen nageven dat hij de slimmere lijkt van de twee en dat hij het karakter van de islam in 2006 veel beter in de gaten had dan Bos, maar dat maakt het verraad van zijn opportunistische huichelarij in dit debat in Buitenhof alleen maar groter. 

Na deze uitzending van Buitenhof van 18 juni 2006 en de verkiezingen in november van dat jaar zou van februari 2007 tot februari 2010 het Vierde kabinet Balkenende volgen, met daarin Wouter Bos als vice-premier, Maxime Verhagen als Minister van Buitenlandse Zaken en  Ella Vogelaar als Minister van Prachtwijken. Vogelaar vond de boerka eigenlijk wel een geile gadget (“Je zou eens moeten zien wat er af en toe onder zo’n boerka zit”: Paris-Moulin-Rouge-oh-la-la dus) en die meende dat het schilderen van kozijnen in de Krachtwijken de moslims van Nederland nóg positievere en nóg verlichtere burgers zou maken.

Nog een woordje speciaal bij mijn tekst uit 2006 die nu volgt. Hieronder, in de inleiding die aan alle alle afleveringen van dit feuilleton is voorafgegaan, heb ik het over het “relatief brave” karakter van mijn toon en stijl, vergeleken bij het scheldproza dat ik later soms produceerde. Maar ik moet constateren dat ik gaandeweg ook in 2006 al steeds razender werd en dat in deze voorlaatste aflevering die woede al merkbaarder wordt.

Dit gezegd hebbende kan ik het standaard voorwoord laten volgen dat aan alle eerdere afleveringen voorafging:

Onderstaand stuk is het elfde deel van een essay van ongeveer 90 pagina’s, getiteld “AAN DE OBSCURANTISTEN” dat ik nooit publiceerde. Hier deel 1 (zelfmatiging en zelfcensuur), hier deel 2
(islam), hier deel 3 (als een hoofddoek een Jodenster is, wat is dan een boerka?), hier deel 4 (Marokkanen), hier deel 5 (Economie) en hier deel 6 (Pim Fortuyn en Ayaan Hirsi Ali), hier deel 7 (Geert Mak) en hier deel 8 (Abraham de Swaan), hier deel 9 (Marcel ten Hooven) en hier deel 10 (Joël Vos).

Het essay stamt uit mijn pre-internet-tijd, uit het jaar 2006 en ik geef het nu in 2013 alsnog prijs aan de digitale wereld.  Ik had vergeten het geheel te dateren en dat het in dat jaar geschreven was, leidde ik in eerste instantie af uit deze zin die erin voorkwam:

“Intussen is, acht jaar na 1998, het vooruitzicht van burgeroorlog-achtige ontwikkelingen in Nederland reëler geworden.”

En pas bij herlezing kwam de herinnering boven dat de tekst een rol had moeten spelen in de pogingen die ik van 2006 tot 2008 heb ondernomen om de PvdA-tanker héél langzaam van koers te laten veranderen. De bedoeling was ooit dat het door de PvdA-top zou worden gelezen. Op dat ogenblik had ik reden te veronderstellen dat zulks zou gaan lukken. Ik heb inmiddels alle illusie rond onze quasi-elite verloren, scheld ze de tiefus en hoop alleen nog op een Neurenberg 2.0 na de Grote Islamitische Oorlogen.

In een van de afleveringen van dit feuilleton rep ik op een gegeven moment van mijn “bewust provocerende stijl” vanwege de noodzaak de elite wakker te schudden. Ik wist, toen in 2006, natuurlijk zelf nog niet hoezeer ik verbaal zou radicaliseren en hoezeer de quasi-elite zou door denderen op de weg richting afgrond.

Ik zal die 90 relatief brave pagina’s alsnog op deze site publiceren en wel in twaalf afleveringen. Telkens met deze inleiding en onder de titel “AAN DE OBSCURANTISTEN” gevolgd door de subtitel van het betreffende onderdeel.

De illustraties met onderschriften zijn ná 2006 toegevoegd, zoals u begrijpt, net als sommige links.
__________________________________________________________

Met het stemmen tegen de zogenaamde boerka-motie, die vroeg om een verbod van dit kledingstuk in de openbare ruimte, heeft de PvdA-fractie in de 2e kamer een morele grens overschreden. PvdA-kamerlid Jeroen Dijsselbloem werd in Trouw (22 december 2005) aldus geciteerd: “De boerka-motie betekent in de kern onverdraagzaamheid tegenover andersgelovigen.” Eigenlijk is dit een standpunt waarmee Dijsselbloem zich buiten de discussie plaatst. Wat moet je hier nog mee? Tomeloos gaan schelden?

Maxime Verhagen heeft in navolging van Fortuyn terecht gepleit voor Europeanisering van de islam, het opleggen van de Sharia in Europa een “reële dreiging” genoemd en het opschorten van grondrechten voor fundamentalisten niet uitgesloten.(Zie zijn opstel in “Hoe nu verder?”)  Op 18 juni 2006 werd ik ontnuchterd en niet alleen aangaande Verhagen. Want hij zat toen in “Buitenhof” in discussie met Wouter Bos, die het nog een graadje erger maakte dan Verhagen zelf. Ik heb die discussie helemaal uitgeschreven.  Het was beschamend. Leest u maar mee en wie het wil horen en zien, moet hier even klikken*** en naar 42 minuten en 30 seconden gaan.

Witteman (tegen Verhagen): “Wat is volgens u de ziekte islamofobie?”
Verhagen: “Dat is dat je hoe dan ook niet houdt van alles wat met de islam te maken heeft. Dat je angst hebt voor de islam.”
Witteman: “Bos heeft gezegd, u bent eigenlijk islamofoob.”
Verhagen: “Ja, dat is nogal wat. Dat zijn hele grote woorden, die hij totaal niet onderbouwd heeft. En als hij dan toch van die grote woorden gebruikt, dan kan ik maar een conclusie trekken, namelijk dat hij toch een beetje bang wordt, dat-ie toch een beetje het spoor bijster is. Want als je zulke beschuldigingen doet, dan moet je die kunnen onderbouwen. Die onderbouwing, waar was die?”
Bos: “Wat ik gezegd heb, is dat de verhalen van de heer Verhagen met name over de islam naar het islamofobe neigen . . . . .

Tekenend voor de nieuwe sfeer is blijkbaar dat beiden het erover eens zijn dat islamofoob zijn iets verschrikkelijks is.  “Islamofoob, dat is nogal wat”, zegt Verhagen immers. That so? Je zou natuurlijk ook de stelling kunnen verdedigen dat, in het licht van de reëel bestaande en de laatste 14 eeuwen bestaan hebbende islam, het verstandig is om bang te zijn voor de islam en fatsoenlijk om de islam te haten. In deze discussie worden dus fundamenteel  posities gewijzigd. Dat Verhagen ineens veel poesliever voor de islam is, dat valt af te leiden uit zijn opstel “Europeaniseer de islam” in ”Hoe nu verder?” Dat Bos 180 graden draait zal ik hieronder aantonen. Ik citeer daartoe Ephimenco (Trouw 03-06-06):

“Vorig jaar pleitte hij [Bos] in Letter &  Geest voor ’de noodzaak van een scherp debat’ dat hij ’onmisbaar’ achtte als het om islam en integratie gaat: ‘Confrontatie kan daarbij nodig zijn. Irrelevant daarbij is de actuele vraag of men het debat over islam en integratie moet matigen of niet.’ Explicieter was Wouter Bos al geweest een jaar eerder in dezelfde L & G:

‘We zien linkse mastodonten die als door een wesp gestoken reageren bij de minste of geringste kritiek op de islam; terwijl juist links op het gebied van de godsdienstkritiek geen geringe geschiedenis heeft.’

Dit zal de reputatie van windvaan die aan Bos kleeft geen goed doen. De verlichte leider die zijn eigen olifanten twee jaar geleden moedig kapittelde, is zelf een door een zwerm wespen gestoken mastodont geworden. Wanneer wordt links wakker? Wanneer gaan democraten in hart en nieren eindelijk gillend weglopen van al die gemuteerde clubjes, om hun progressieve en universele waarden vreedzaam maar met overtuiging te eren? Waar blijven de dissidenten die die broodnodige nieuwe linkse partij zullen oprichten? Een partij die het verkwanselen van de vitale fundamenten en beginselen tot staan zal brengen.”

Tot zover Ephimenco over Bos. In zijn latere boekje: “Dit land kan zoveel beter” was de stelling van Bos al afgezwakt tot de opmerking  dat we de aanwezigheid van de islam nu eenmaal hadden te aanvaarden. Maar nu, in deze discussie in Buitenhof, is het al zo dat wij alleen nog maar positief tegenover de islam mogen staan. Ja, Bos zegt wel dat het iedereen vrij staat om een hekel te hebben aan de islam, maar dan sta je wel mooi buiten de morele orde van partijleider Bos.

Ik geef nu verder het citaat van de woorden van Bos in het debat met Verhagen dat ik even eerder hierboven heb onderbroken:

“Wat ik gezegd heb, is dat de verhalen van de heer Verhagen met name over de islam naar het islamofobe neigen. Dat is letterlijk wat ik gezegd heb, en daar had ik twee redenen voor, of eigenlijk één, de allerbelangrijkste reden is dit: elke keer als we de heer Verhagen horen over religie, over islam, dan gaat het over de zorgen die hij heeft met betrekking tot de islam. En we horen hem nooit over de overgrote meerderheid van moslims in dit land die wel eens een bemoedigend woord van de politiek zouden willen horen over waar zij mee bezig zijn, over hoe zij in de Nederlandse samenleving staan. En ik vind als dat evenwicht in je verhaal ontbreekt, dan loop je een aantal heel grote risico’s. Het grootste risico is dat we die grote groep moslims die niets liever willen dan op een normale manier meedraaien in onze samenleving, dat die zich ook gaan vervreemden van onze samenleving, die zich ook niet meer kunnen herkennen in de manier waarop de politiek over hen praat, dat die zich ook gaan afkeren. Terwijl zij juist de belangrijkste bondgenoten zijn om bijvoorbeeld de radicalisering onder jongeren te keren. Dat is de zorg die ik heb, het gebrek aan evenwicht in uw verhaal.

Verhagen: “Dat is precies de reden. Juist omdat je de goedwillende mensen, de overgrote meerderheid van moslims in deze samenleving, die samen met ons in Nederland willen leven, om die erbij te betrekken. Dat je dus neen moet zeggen tegen de radicalisering, maar dat je juist op die gemeenschappelijkheid  . . . . ik heb altijd gezegd, jongens, religie, die moet je niet wegduwen naar de privé-ruimte, religie die hoort in de publieke ruimte en je moet dus gebruik maken van die religie, juist om die waarden en normen waarvoor wij staan te realiseren, ook ten aanzien van moslims.”

Hoe zou Bos zo zeker weten dat de “overgrote meerderheid” van de moslims in dit land de wens heeft tot “op een normale manier meedraaien in onze samenleving”? En wat is dan “normaal“?  Is dat volgens de code van de gemiddelde gereformeerde islamofiel, die alles prachtig vindt, zolang het maar “religie” heet en onderdrukkend is? Is het “normaal” dat islamieten zich gedragen als vreemde stammen, de hoofddoekvlag laten wapperen in onze straten, alleen onderling huwen via vrouwenhandel, hoog scoren in vrouwenmishandeling, überhaupt  hoog scoren in de criminaliteits-statistieken en breed blijk geven van rancune en haat tegen de Westerse maatschappij? Ik denk niet dat het volstaat alleen maar een beetje globaal “bemoedigende woorden” zo in het algemeen in de richting van “de moslims” te spreken.

Verhagen laat doorschemeren dat nu juist het radicalisme bekritiseerd moet worden en dat van moslims verwacht mag worden dat ze zelf daarvan expliciet afstand nemen. Dat afstand nemen gebeurt in de praktijk weinig tot niet en daaruit zou je misschien moeten concluderen dat die wens tot “normaal” meedraaien in de Nederlandse maatschappij toch minder wijd verbreid is. Bos bevordert en beloont hier ook precies dat slachtoffer-gedrag van moslims waarin ze toch al zo uitblinken: geen zelfkritiek en het Westen heeft het gedaan. Als de meerderheid van de moslims uit goedwillenden bestaat die ons moeten helpen om de radicaliserende jongeren in toom te houden, dan zouden ze  een stuk kritischer moeten zijn dan Bos hier is. En daarvan blijkt, nogmaals,  in de praktijk weinig tot niets.

Verhagen meent dat “religie”, zo in zijn algemeenheid, in de openbare ruimte thuishoort. Dat is onzin. Er moet altijd gevraagd worden naar de concrete inhoud en manifestatie van een “religie”. Is bijvoorbeeld een boerka “religie”? Of is dat fascisme?

Witteman: “Heeft u niet gestemd voor een verbod van boerka’s?
Verhagen: “Dat zou ik weer doen.”
Witteman: “Dat is toch de publieke ruimte?”
Verhagen: “Dat is de publieke ruimte, maar daar gaat het niet om uiting van religie. Ik heb tegen een verbod op hoofddoekjes gestemd, omdat ik dat wel een verbod op uitingen van je religie zou vinden in de publieke ruimte. Terwijl het er bij de boerka om ging is dat de trambestuurder die hier in Amsterdam iemand een kaartje vraagt, iemand in de ogen moet kunnen kijken.
[Ik schreef in 2006: “Iemand in het publiek barst hier in kort maar hard hoongelach uit”. Maar dat is in de VPRO-versie die anno 2013 on-line staat eruit gecensureerd.] Dat gaat om de openbare orde. Als jij zelf in de openbare ruimte wilt functioneren dan moet jij jezelf niet afzonderen, door ook door middel van afdekken van je ogen, je afsluiten van de publieke ruimte. Dat heeft te maken met ook de mogelijkheid voor een tramconducteur om gewoon te werken, of voor een winkelier om te zien wie tegenover hen staat. Daar gaat het om. Dat heeft niets met islamofobie te maken. Maar dan ook totaal niets.”

Dit is dus buiten alle perken. Een symbool van racisme en fascisme, van extreme onderdrukking, wordt hier slechts afgewezen op pragmatische, utilitaire gronden, omdat het “niet handig” zou zijn. Dit is te schandelijk voor woorden.

Bos: “Laat ik even ingaan op dit concrete voorbeeld. Ik heb ook niks met boerka’s en ik heb liever ook niet dat mensen in een boerka rondlopen. In een pluriforme samenleving is het niet zo dat waar een politicus niks mee heeft, dat-ie dat maar meteen gaat verbieden. We kunnen al in Nederland, als de burgemeester vindt dat het dragen van een boerka de openbare orde in de weg staat dan kan-ie dat verbieden. Daar is geen algemeen boerkaverbod voor nodig. Met een algemeen boerkaverbod doe je volgens mij precies wat de heer Witteman zegt, dat je in zijn algemeenheid zegt met die religieuze uiting in het publieke domein daar wil ik niks mee te maken hebben. Dat is niet nodig, maar als je het toch doet, terwijl het niet nodig is, werk je dus aan breder beeld alsof je iets tegen die religie hebt. En dan zeg ik nog, u mag van mij een enorme hekel hebben aan de islam . . . . . . .
Verhagen: “Nu wekt u weer de suggestie dat ik een hekel zou hebben aan de islam.”
Bos: “Dan zeg ik het anders. Iedereen mag in dit land een enorme hekel hebben aan de islam. Maakt mij helemaal niets uit . . . . . .
Verhagen: “Mij wel.”

Bos “heeft” dus niks met boerka’s, maar dat zou hij wel moeten hebben. Hij zou ze behoren te haten. Dat is het enige fatsoenlijke wat je met boerka’s kunt doen. En op die grond van die haat behoor je dit racistisch-fascistische symbool en instrument te verbieden. Ook hier weer dat utilitaire, pragmatische argument: het is psychologisch niet handig om het te verbieden, want dat worden de moslims misschien wel boos. Hoe hoog sla je mensen aan van wie je denkt dat ze boos zullen worden om het verbieden van zo’n lappen vrouwengevangenis? Hoe hoog sla je jezelf nog aan, als je dit soort collaborerende taal bezigt? Daarnaast zegt Bos bang te zijn om, door de afwijzing van dit fascistisch-racistische instrument en symbool, de indruk te wekken in bredere zin iets te hebben tegen dit geloof. Maar dat is nu precies de indruk die hij wel zou moeten willen wekken. De islam is een geschiedenis van 14 eeuwen terreur, een geloof dat is blijven steken in de fase waarin het brandstapel-katholicisme van Filips II in de 16e eeuw zich bevond en waartegen Willem van Oranje toen al in Opstand kwam. Dit geloof zorgt ervoor dat al 14 eeuwen lang elke dag honderden jonge vrouwen op de meest gruwelijke wijze worden vermoord door hun eigen familieleden.

Bos: “Wat ik belangrijk vind dat we wel onder ogen zien dat er een hele grote groep mensen is in dit land die in de islam geloven, toegedaan zijn en die op dit moment zich vervreemden van de Nederlandse samenleving. Die zich slecht vertegenwoordigd voelen, terwijl die mensen zo hard nodig zijn, in de toekomst om onze economie draaiende te houden, die radicaliserende jongeren aan te spreken [op dat moment ontstond rumoer onder het nette Buitenhof-publiek. Ook dat is door de alleravantgardistieste omroep van allemaal , de VPRO, er uit gefilterd.]

Ik krijg een naar smaakje in mijn mond van dat pathetisch taalgebruik van Bos hier. Het zat ook in zijn toon. Je had hem moeten horen. Ik heb het over dat “in de islam geloven, toegedaan zijn”. Gadverdamme! En wéér dat bevestigen van de moslims in de slachtoffer-rol en omgekeerd zijn eigen autochtone samenleving aanklagen: het is onze schuld als zij zich vervreemden van onze maatschappij. Maar het is natuurlijk zo dat zij zo langzamerhand eens zelfkritisch moeten worden op puntjes a)vrouwen, b) homo’s, c) criminaliteit en d) het zich veel beter voelen dan Westerse mensen omdat Allah aan hun kant staat en zij precies weten wat Hij wil, namelijk ten hemel schreiende fascistisch samenlevingen scheppen.

Bos heeft het erover dat we de moslims zo hard nodig hebben om onze economie draaiende te houden. Hieronder zal hij beweren dat er miljarden naar wijkverbetering, scholing en werkgelegenheid van moslim-immigranten moeten. Nu is het van  tweeën een: ze zijn een economische opsteker óf ze zijn een economische last. Je kan niet beweren dat er bakken met geld en containers met aandacht naar die groepen toe moeten en tegelijk zeggen dat ze zo’n economische dynamiek brengen. Enfin, elk onderzoek wijst uit dat de immigratie een loden last is geweest en blijft, dus wat is dit voor gezwatel?

Witteman: “Mag ik de woorden van de heer Bos zo vertalen, dat u, door alleen de kritische kanten van die geloofsbelijdenis te onderstrepen, de indruk wekt alsof dat het dan is, TERWIJL ER EEN HELEBOEL POSITIEVE ELEMENTEN IN DIE ISLAM ZITTEN WAAR JE ALS SAMENLEVING VEEL AAN HEBT . . . . . .
Bos: “Ja, ja.”
Verhagen: “Absoluut, dat is ook precies de reden waarom ik dat ook steeds wil benadrukken. Wat we hier moeten hebben dat is dat iemand zegt ik ben er trots op om moslim te zijn en ik ben er trots op om Nederlander te zijn. We moeten er voor zorgen door middel van een goed integratiebeleid, en daar is nog wel wat te doen, want ik vind als we het daar over hebben, dat daar dan eigenlijk veel meer aan gedaan moet worden dan tot nu toe gebeurd is, dat je door middel van die integratie dat je de verbondenheid van waarden en normen krijgt, moslims, katholieken, protestanten, dat die in ieder geval die gedeelde waarden hebben.

Die positieve elementen in de islam, daarvan moeten Bos en Verhagen maar eens een lijstje maken. De waarheid is natuurlijk dat de reëel bestaande islam geen enkele positieve kant kent.

De theoretische islam, de Koran, is bovendien, een erkende handleiding voor vrouwenonderdrukking. Dus als hier gepleit wordt voor gedeelde normen en waarden met het christendom, welk christendom wordt hier dan door Verhagen en Bos bedoeld? Dat van de 17e, de 18e of de 19e eeuw? In elk geval niet dat van na 1950.]

Bos: “Een ander voorbeeld, we zien gelukkig in Nederland dat moslims actief worden in politieke partijen, in uw politieke partij, in mijn politieke partij. Ze worden gekozen tot gemeenteraadslid, wethouder en de discussie die de heer Verhagen begint op het moment dat dat manifest wordt is dat we wel moeten uitkijken dat ze niet ergens de sjaria gaan invoeren, ja dan zeg ik, wat voor boodschap geeft je daar nou mee af aan die grote groep medeburgers aan wie we jaren lang gevraagd hebben wordt asjeblief actief, doe asjeblief mee en op het moment dat ze dat doen, is dat de discussie die we beginnen, en waar ik me zorgen over maak en laten we daartoe de discussie dan nu maar terugbrengen, want dat is eigenlijk het allerbelangrijkste: de laatste jaren is het gewoon slechter gegaan in Nederland, de verhouding tussen bevolkingsgroepen. de manier waarop Marokkaanse jongeren over onze samenleving denken, dat hebben we de afgelopen weken kunnen lezen, dat is slechter geworden, de manier waarop autochtonen denken over moslims dat is slechter geworden.

Witteman: “Komt dat door de uitlatingen van de heer Verhagen?”

Op die laatste terechte vraag van Witteman zal Bos niet ingaan. Wat hij wel wéér doet is de moslims in hun slachtofferrol bevestigen. Je mag niet tegen ze zeggen dat we hier niet gediend zijn van de sharia, want dan worden ze boos en voelen ze zich miskend. Maar het punt is nu juist dat ze dat zélf zouden behoren te zeggen! Ze behóren afstand te nemen van dat fascisme. Want de sharia is namelijk gewoon een racistisch-fascistisch systeem. En het is helemaal niet zo gek als Nederlanders, kijkend naar de terreur en de onderdrukking waarmee de moslimcultuur de wereld overspoelt – (en dat doen ze al veertien eeuwen) – kennis nemend van de golf van radicalisering onder Westerse moslims, zich zorgen maken. Er zijn Arabisten en islamologen die niet moe worden erop te wijzen dat het tot de kern van het islamitische geloof behoort om ongelovigen in slaap te sussen door quasi-medewerking en intussen alleen maar uit te zijn op precies die invoering van de sjaria overal ter wereld.

Bos heeft het over “de manier waarop Marokkaanse jongeren over onze samenleving denken”. Dat is potsierlijk. Hoe de autochtone bevolking over Marokkaanse jongeren denkt en hoe dat komt is blijkbaar niet van belang. Hoeveel statistieken en berichten over agressie en misdaad van Marokkanen heeft Bos nog nodig? Misschien zou het helpen als hij eens een  lange, cruciale passage zou lezen uit “Brief aan mijn dochter” (2001) van Jaffe Vink.  Maar je kunt gemakzuchtige, narcistische obscurantisten niet genoeg realiteit onder ogen douwen:

“In zijn proefschrift ’Ieder voor Zich’ schetst de antropoloog Frank van Gemert langs wrange lijnen het verband tussen criminaliteit en cultuur. Verreweg de meeste Marokkanen in Nederland zijn afkomstig uit het gebied aan de noordzijde van het Rifgebergte (…). Van Gemert karakteriseert de cultuur van de Berbers uit de Rif als een wantrouwige en gewelddadige cultuur. De Rif was een onvruchtbaar en arm gebied. De eer van de man speelde een overheersende rol, wraak was wijd verbreid, de bloedvetes werden met wapens uitgevochten en kostten velen het leven. Er was geen centraal gezag; de moorden werden met een boete afgedaan. Dorpen bestonden er nauwelijks, er waren geen gemeenschappen, de huizen hadden hoge muren met geschutskoepels, niet om een verre vijand op afstand te houden, maar om de naasten te bestoken. Het was een cultuur met en diepgeworteld wantrouwen, een grote onderlinge verdeeldheid en veel geweld.

Volgens Van Gemert bestaan er heldere gelijkenissen tussen het gedrag van de Berbers in de Rif, het gedrag van de eerste generatie gastarbeiders en het gedrag van hun zonen. ‘In de competetieve Marokkaanse gemeenschap duiken jaloezie, dreigend gezichtsverlies en wantrouwen steeds op. In de Rif, maar ook in Rotterdam Zuid, kunnen gemakkelijk ontvlambare situaties ontstaan.’ De aard en de omvang van de criminaliteit van de zonen in Nederland kan slechts begrepen worden vanuit deze Riffijnse cultuur.

Het belang van deze conclusie kan niet onderschat worden. Zij wijst namelijk op de traagheid en hardnekkigheid van de kern van een cultuur. Dat is een opmerkelijke visie omdat ze haaks staat op de heersende dynamische opvatting die ervan uitgaat dat culturen onderhevig zijn aan voortdurende verandering. En deze visie is ook opmerkelijk omdat Van Gemert zich niet laat opjutten door het alomtegenwoordige idee dat culturen zich heterogeen en pluriform ontwikkelen zodat er tenslotte niets eenduidigs meer gezegd kan worden. ( . . .)

[Dat] is heel wat anders dan het gezwatel over het behoud van de eigen cultuur – dat gezwatel is even kolderiek als een pleidooi voor het behoud van de cultuur van de Groningse turfstekers. (…) Het biedt evenmin soelaas de Rif in verband te brengen met de glorie van de Arabische cultuur en te betogen dat Averroës een belangrijk filosoof is geweest, want dat is hetzelfde als de verdediging van de veenkolonieën met een beroep op Erasmus. Nee, de Riffijnse cultuur van wantrouwen en geweld fleurt  het straatleven hier niet op.

Een walm van naastenliefde en solidariteit heeft decennialang over ons land gelegen en heeft ons het zicht op de realiteit ontnomen. En zie, daar komen de christenen weer aan met hun soeppannetjes en daar komen de socialistische theemutsen weer aan met hun multiculturele rimram.”

Einde citaat van Jaffe Vink over Frank van Gemerts proefschrift.

VINK JAFFE

Jaffe Vink met zijn vaste vlinderstrikje. Maar pas op, Jaffe is geen conformist! Ja, precies, want dan droeg-ie wel een gewone stropdas


Ik citeer verder uit het debat tussen Bos en Verhagen in Buitenhof in 2006:

Bos: “Maar het zijn wel verloren jaren geweest. Er is in elk geval de afgelopen jaren niets gedaan wat die ontwikkeling ten goede gekeerd heeft.”

Verhagen: “Kijk, het goede is geweest dat we gezegd hebben, kijk, jongens, integratie daar moet veel mee gebeuren, we kunnen niet als in tijden van voor 2002 zeggen daar hoeven we ons niet mee te bemoeien, dat komt vanzelf goed, nee, integratie dat is iets waar we absoluut een antwoord op moeten hebben, daar zullen we aan moeten werken , we zullen moeten zorgen dat die (onverstaanbaar) aan de norm zijn. En daar, vind ik, is nogal wat op aan te merken . . . die inburgeringswet . . . ik heb daar nogal wat kritiek op, ik heb dat vorig jaar ook naar voren gebracht.

Bos: “CDA was de enige die Verdonk nog steunde.”

Verhagen: “Ja, maar dit is het minimum. Als je werkelijk wilt zorgen dat ook de allochtonen kans hebben in deze samenleving dan zal je niet moeten volstaan met 600 uur inburgering, als je daar tegenover stelt mensen die hier hun hele leven lang gewoond hebben en die dus een opleiding hebben die veel langer is en daardoor veel meer kans hebben op die arbeidsmarkt. Wil je de mensen niet tegenover elkaar laten staan, zulk je ze ook kansen moeten geven. Betekent dat we niet accepteren dat iemand op zijn 16e drop-out is en dan verder zijn hele leven niks kan doen. Juist in die toerusting en het aanbieden van kansen zullen we veel meer moeten doen. Want ik ben het absoluut eens dat dit iets is als je kijkt naar de achteruitgang van kansen, kijkt naar toename van racisme.”
Bos: “Antisemitisme.”

Verhagen: “Antisemitisme . . . ik vind dus die inburgeringswet het minimale en we zullen er nog een schepje bovenop moeten doen.”

Het zou toch aardig geweest zijn als Bos hier nou eens gewoon gezegd had dat de hele moslimwereld druipt van het antisemitisme. Maar dat kan natuurlijk niet want dan worden de moslims boos. En Verhagen weer met dat woord “racisme” voor doodgewone islamkritiek, een woord dat net zo leeg en onbruikbaar is geworden als “respect”. Samen met “islamofoob” moesten we die woorden maar schrappen.

Grappig is hier ook dat Verhagen – die de autochtonen en allochtonen niet “tegenover elkaar” wil laten staan – wél zegt dat er forse competitie om arbeidsplaatsen aan de gang is en dat in die strijd de allochtonen beter bewapend moeten worden. De kwestie is natuurlijk dat we al dertig jaar steeds sterker leven in een postindustriële maatschappij, waarin eenvoudige arbeid steeds schaarser wordt en dat onze regeringen voortdurend mensen geïmporteerd hebben die juist alleen die arbeid kunnen verrichten. Dus al dat gezwatel van Verhagen en Bos over bakken met geld en containers met aandacht naar de allochtonen, is niet alleen strijdig met zijn gezwets over de economische dynamiek die allochtonen zouden brengen, maar daarbovenop ook nog eens gewoon zinloos. Zelfs als we geen halve analfabeten waren blijven importeren, hadden we autochtone werklozen gehad. Het probleem is alleen op te lossen door op te houden achterlijkheid te importeren. Dat je dan meteen ophoudt met islam importeren is een niet te verwaarlozen voordeel.

Behalve het boven geciteerde zei Ephimenco in zijn column (Trouw, 03-06-06) nog het volgende over het geperverteerde islamstandpunt van Wouter Bos:

“Uit de mond van een sociaal-democratische leider klinkt de beschuldiging op zijn minst intrigerend, zo niet pathetisch: ,,Als de godsvrede in Nederland wankelt, komt dat door onzekerheid in het hart van de christelijke politiek.’’

Wouter Bos vindt het ‘raar dat de christen-democraten de godsdienstvrijheid om zeep helpen’. Het CDA van Maxime Verhagen is volgens Bos een soort anti-islam-partij geworden. Toen ik dit las wist ik eigenlijk niet goed of ik moest lachen of huilen: de erfgenaam van Joop den Uyl die bijvoorbeeld het verbod op het dragen van een gevangenis van stof voor vrouwen, een boerka, als een aanslag op de godsdienstvrijheid beschouwt. Moet ik onze Wouter ook al in de categorie van de ’nuttige idioten’ opnemen, vroeg ik me af? Nee, er zullen toch wel wat electorale overwegingen in het spel zijn. De PvdA is na de gemeenteraadsverkiezingen de onbetwiste favoriet van de Nederlandse moslims geworden, een beetje Pvdi dus, en moet vanzelfsprekend haar nieuwe achterban bedienen. Zoals het CDA dat doet bij boeren en de VVD bij ondernemers. Maar de vraag is wel: tot hoever is Bos bereid te gaan in de verloochening van zichzelf en de sociaal-democratische geest? Zijn zwaarste aantijging aan het adres van Verhagen: hij beschuldigt hem ervan ’regelrecht islamofobe verhalen naar buiten te brengen’.

En hier vergaat me het lachen. Door kritiek op de nare kanten van dit geloof en zijn politieke uitdrukking met ’islamofobie’ te associëren, schaart Bos zich achter allen die hem zijn voorgegaan in hun poging kritische stemmen in het islam-debat in diskrediet te brengen. Tegen de beschuldiging van islamofobie kun je je moeilijk verweren. Rationele argumenten doen er niet meer toe want het diskrediet weegt zwaar op de tegenstander die ervan verdacht wordt zich door irrationele angst te laten leiden. Exit debat.”
Tot zover Ephimenco.

VALENTE

Markha Valenta. Wat hébben al die potteuze types toch met de islam? Die eendenkuif van “Opzij” ook al. Dat mormel dat die stront-taart in het gezicht van Fortuyn drukte idem. En de anti-Israël-wijfjes zijn ook al zo vaak van de vrouwenliefde. Kan iemand mij dit uitleggen?

De Wiardi Beckmanstichting heeft de laatste tijd de dialoog met de godsdienstige mens nogal gepropageerd. Op de website van de stichting was in februari 2006 een schandalig artikel te vinden van een zekere Markha Valenta, die verbonden is aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Ik neem aan dat zij een geestverwante is van James Kennedy, hoogleraar geschiedenis aan diezelfde universiteit. Kennedy blijkt in een interview met Trouw (17 juni 2005) dezelfde mening te hebben: “Naar mijn mening zou je hoofddoekjes en zelfs burka’s moeten tolereren.” Net zo min als Valenta of Dijsselbloem vermeldt professor wat de humanitaire winst is van tolerantie voor nikaabs en burka’s.

Het artikel van Valenta op de PvdA-website was voorzien van een vlindertje met de vermelding “Open Democracy”, maar dit is wel de subtielste anti-democratische, fascistische en racistische vuiligheid die ik ooit heb gelezen. In dat opstel wordt op kalme toon het verzet in Nederland tegen het dragen van nikaab en burka in de publieke ruimte als bekrompenheid, intolerantie en zelfs rechtsradicalisme (!) weggezet. Ik vertaal uit het Engels:

“Opnieuw verrast Nederland. Een eeuwenoude band met vrijheid van godsdienst, van geweten en van meningsuiting schofferend (“flying in the face”), staat het land op het punt te verhinderen dat vrouwen hun gezicht in het openbaar bedekken.”
 
We hebben In Nederland te maken, zegt mevrouw Valenta, met een bondgenootschap tussen het gepeupel in de oude wijken en de culturele elite die de sfeer van de jaren zestig verloren ziet gaan en in een “heavy handed approach” de moslimcultuur willen onderdrukken, een cultuur waarvan Valenta suggereert dat die emancipatorisch-feministisch is:

“Tot op de dag van vandaag is Nederlandse elite-cultuur (…) voornamelijk een witte mannen-aangelegenheid.”

Het is verleidelijk om nog meer te citeren van de, onderhuidse, bedaard gebrachte enormiteiten van Valenta, bijvoorbeeld haar suggestie dat verzet tegen burka en nikaab eigenlijk een vorm van gevaarlijk nationalisme is:“de Nederlandse kritiek op de islam ( . . .) is een van de middelen tot nationale eenheid geworden” . En ik vraag mij af in hoeverre de haat tegen de Westerse maatschappij mevrouw Valenta tot een bondgenootschap heeft gebracht met de gevaarlijkste en meest reactionaire ideologie ooit, namelijk de islam. Was het niet Maxime Verhagen (!) die al in 2005 zijn bijdrage “Europeaniseer de islam” in de bundel “Hoe nu verder? 42 visies op de toekomst van Nederland na de moord op Theo van Gogh” schreef:

“Willy Claes had een vooruitziende blik, toen hij vlak voor zijn aantreden als secretaris-generaal van de NAVO waarschuwde tegen de oprukkende fundamentalistische islam. ‘Het moslimfundamentalisme is minstens zo gevaarlijk als indertijd de communistische dreiging. Onderschat dat gevaar niet’, zo stelde hij. Helaas heeft hij gelijk gekregen. En het gaat ook aan Nederland niet voorbij.”

Voor alle duidelijkheid: Valenta’s woorden zijn buitensporig reactionair, mogen desondanks van mij in het debat gezegd worden, maar een sociaal-democratische beweging die dit publiceert is de weg echt helemaal kwijt.

Screenshot_36                                                                  Rudy Kousbroek

Ik citeer maar weer eens mijn all time favoriete passage inzake de islam. Rudy Kousbroek,  “Einsteins Poppenhuis”, p. 106:

Dagelijks worden honderden jonge Arabische vrouwen verbrand, onthoofd, vergiftigd of de keel afgesneden. Ze worden gedood door hun vader of een oudere broer, door een neef of een huurmoordenaar. Ze worden bestraft op beschuldiging van seksuele relaties buiten het huwelijk, of slechts op verdenking daarvan. Ze moeten sterven krachtens een oude code die familie-eer moet beschermen. Dit kreeg de werkgroep over slavernij van de Verenigde Naties gisteren in Genève te horen van een vertegenwoordiger van Terre des Hommes. De werkgroep kreeg tegelijkertijd een gedetailleerd rapport met talloze getuigenissen over de vervolging van jonge vrouwen en meisjes in Arabische landen ‘in naam van de eer’.”

In een voetnoot bij dit citaat zegt Kousbroek:

“Er zit vermoedelijk meer aan vast. Bij de staatsgreep van 1977 in Noord-Jemen, waarbij president Ibrahim al-Hamid werd vermoord, werden ook twee Franse meisjes gegrepen, met wie hij en zijn grootvizier kennelijk bezig waren zich te vermaken. Deze misdaad tegen de islam werd door de samengezworen gelovigen bestraft door die twee Françaises de clitoris af te snijden.”

Screenshot_37                                                                     Anet Bleich

Nog even Valenta,  Dijsselbloem en verwanten. Het valt me nog mee dat het carnaval, waarbij men zich toch ook heel anders kleedt, er door hen niet bij gehaald werd. Dat deed in de Volkskrant ooit de Joodse zelfhaatster Anet Bleich, altijd weer goed voor intellectueel vermaak. HP/De Tijd haalde op 26-05-06 nog eens naar boven hoe Bleich in 1984 in de Bundel “Nederlands Racisme”optekende:

“De klacht over een door ‘hullie’ slecht onderhouden trappenhuis en de gaskamers zijn twee uitersten van één racistisch universum.”

Noem het hilarisch, noem het tragisch. Verbijsterend is het in elk geval. En ze blijft zichzelf, Frau Bleich. Ondanks de zo langzamerhand verpletterende massa bewijs dat de reëel bestaande islam toch echt een gruwelijke werkelijkheid vormt, is haar laatste zin in een boekbespreking in 2005 toch weer:

”Want de Verlichting ( . . .) heeft niets gemeen met het vertellen van sprookjes over de grote boze islamwolf.”  (Volkskrant 25-03-05)

Terug naar Valenta/Dijsselbloem/Kennedy. De term “andersgelovig” wijst erop dat Dijsselbloem meent dat een boerka, nikaab of chador een uiting van individueel geloof is. Dat is met bijna 99% zekerheid in 99% van de gevallen onwaar. De dames zijn gehersenspoeld en onderdrukt. Als ze het Westen werkelijk haten, dan komt dat omdat ze hun haat niet kwijt kunnen waar hij hoort: bij het geloofs-systeem dat hen ontmenselijkt en terroriseert. Wie bewijst dat? Gezond verstand en een oceaan aan berichtgeving. Bovendien verwijst zo’n uitmonstering naar een racistisch systeem. Het gaat voorts in tegen wat we historisch van kleding weten: mensen gaan in verreweg de meeste plaatsen en in de meeste tijden niet zo gekleed, zelfs niet in de islamitische gebieden. Tenslotte gaat het in tegen het gelijkheidsbeginsel: mensen van gelijke status vermommen zich niet in elkaars gezelschap, want dat bestempelt je als een schurk. In die zin is het verwant met de capuchon die veel allochtone jeugd ook ‘s zomers diep over de ogen heeft getrokken. Dat betekent: ik laat jou openlijk zien dat ik je zal overvallen, in elkaar slaan en bestelen als ik de kans krijg, want ik heb schijt aan je.

Screenshot_38
James Kennedy, een Linkse Grefo op zijn Amerikaans


Bovengenoemde James Kennedy, hoogleraar Nieuwste geschiedenis aan de VU, trad 30 mei 2006 op in het religieuze tv-programma “Soeterbeeck”. Hij werd door een interviewer ondervraagd, al wandelend door stedelijke gebieden in Nederland waar symbolen stonden van de vrije seksuele moraal. De mens Kennedy bleek een bij uitstek gewone man. Hij was gekleed op die zo volstrekt onpretentieuze manier, waarop protestants-christenen het patent hebben. Een gewoon jack en een gewone broek met gewone schoenen. James Kennedy was een wandelend statement van gewoonheid, uitgevoerd in middelgrijs. Bij een Amsterdamse muurschildering van een dame met blote borsten zei Kennedy dat hij zoiets liever niet in zijn buurt zou willen hebben en dat men aan buurtbewoners zelf moest overlaten wat zij in de publieke ruimte tolereerden. Een “vrijzinnige bovenlaag” moest dergelijke opvattingen van cultuur niet hovaardig aan moslims gaan opleggen. Je moest gewoon helemáál niet provoceren in de publieke ruimte, zei hij.

Hij zei er niet bij dat, als je de islamnorm voor gepaste kleding gaat introduceren, die norm in de islamitische getto’s in Nederland dan wel eens snel het niveau van tolerantie in Saoedi-Arabië zou kunnen gaan naderen. Kennedy noemde onze samenleving te geseksualiseerd en ik had hem graag gevraagd of hij de maatschappelijke totaalseksualisering á la islam een beter alternatief vindt. Hij repte van de pornobladen die te koop zijn in de benzinestations en het feit dat die soms vooraan in het schap liggen, zodat je er wel langs moet. Over al te korte rokjes zei hij dat mensen zelf verantwoording moesten nemen voor wat “gepaste kleding” is. Tsja: sommige meisjes die in bijvoorbeeld het openbaar vervoer reeds door Marokkanen zijn gemolesteerd en uitgescholden voor hoer weten inmiddels wat dat is, gepaste kleding.

Het allerbelangrijkste vond ik echter het antwoord van Kennedy op de vraag wat hij vond van de opkomst van de islam en met name van al die moskeeën. Gemengde gevoelens, dat wel, antwoordde hij, vooral omdat de materiële en geestelijke ruimte die de islam opeiste wellicht ten koste van het christendom ging,  maarrrrr . . . . (!) . . . . . beter iets dan niets! Er moest ruimte zijn voor de godsdienst , zei hij. Dat vooral. Godsdienst tout court. En ik moest aan Jessica Stern denken, de Amerikaanse expert op puntje godsdienst-annex-terreur, die een voorspellend boek schreef over 9-11 en wier bottom line luidt: “Geloof maakt slechte mensen slechter.” Als je, zoals ik, meent te weten dat er veel slechte mensen rondlopen, is ruim baan voor “godsdienst” (tout court) sowieso  geen goede zaak en in het geval van de islam al helemaal niet.

Op een gegeven moment zei de interviewer tegen Kennedy dat een steeds groter deel van de bevolking alle multicultuur gewoon zat scheen te zijn en dat de discussie erover alleen nog door een bestuurlijke elite in alle nuance gevolgd werd. De interviewer bedoelde met die elite ongetwijfeld Kennedy zelf en ook wel Wouter Bos en Jeroen Dijsselbloem. En de fijne nuance die deze elite begrijpt is hier de boerka, die dient om het stam-denken wat te verminderen. James Kennedy snapt het allemaal veel beter dan het domme volk. Dit is een tijd, zei hij in de Volkskrant van 28 april 2006, waarin “politici – na hun morele failliet – handelen in de angsten van gewone mensen”. En Kennedy, Dijsselbloem en al die boerka-tolereerders, zou ik zeggen, handelen in perversies van een gemuteerde quasi-elite. En een nep-elite die niks, maar dan ook niks van de reële theorie en geschiedenis van de islam schijnt te weten. Dat hebben die “gewone mensen” echt beter door.

In 1997 (!) schreef Gerry van der List (Volkskrant 28-02-97):

“De Utrechtse hoogleraar Entzinger schreef in reactie op een schokkend relaas over zedendelicten van alllochtone jongeren dat multicultureel samenleven zijns inziens betekent dat ‘een vrouw niet al te uitdagend gekleed door een wijk met veel moslims zal moeten fietsen en dat de homoseksuele leraar in Amsterdam-Oud West privé- en werksfeer gescheiden houdt, wil hij op school gelijkwaardig blijven (Trouw, 6 augustus 1996).”

Behalve aanstootgevende kleding, heb je natuurlijk ook aanstootgevende opvattingen en teksten.  De niet-krankzinnige, zeg maar “normale” Nederlanders die nog van derlui eigen gezond weten – en ik reken mij nog tot hen – worden al decennia met dit soort leipenisterij doodgegooid en we worden verzocht er netjes en rustig onder te blijven. Vooral niet een Kalasjnikov aanschaffen en dan blind om je heen gaan schieten.

Het was een leerzaam interview. Dat met James Kennedy, bedoel ik. Ik begrijp zijn zorgen wel. Als dertienjarige vond ik in de trein een studentenblad van de Nijmeegse universiteit. Het moet ergens 1958 geweest zijn. Ik sloeg het blad open en stuitte op een over twee krantenpagina’s uitgesmeerde tekening van een orgie á la Markies de Sade. Ik weet nog hoe ik de coupé rondkeek of iemand gezien had waarnaar ik keek in die krant en bloosde tot in mijn nek. Ik heb als begin twintiger persoonlijk ervaren hoe de opkomst van de harde beeldpornografie onze Nederlandse cultuur geschokt heeft. Een kennis van me had een van de eerste porno-shops in het gereformeerde Veenendaal en hij vertelde hoe veel klanten ernstige kerkgangers waren, die na donker het achteraf-straatje in het centrum wisten te vinden.

Wanneer ik mij weer bewust maak, wat ik geestelijk heb moeten opbrengen om het bestaan van harde pornografie te verwerken, kan ik mij levendig voorstellen welke psychologische rol pornografie speelt in de islamitische reactie erop. De hoofddoek wordt nog eens strakker aangetrokken misschien, de loverboy slaat zijn prooi nog eens in elkaar, de groepsverkrachters raken geïnspireerd, maar Ayaan Hirsi Ali beschrijft , vanuit haar ervaring als asielzoekers-tolk, ook een ander effect:

“Op het adres in Utrecht tref ik een geweldige rotzooi aan. Het hele huis stinkt naar de urine. Twee kleuters van zo’n een en twee jaar oud, scharrelen rond in luiers die sinds lang niet verschoond zijn. Vuile luiers slingeren door de kamer. De vriendin van mijn nichtje, bij wie we op bezoek zijn, blijkt Anab te heten. Ze vraagt of we thee willen en blijft heel lang weg. Terwijl ik daar in Utrecht met Maryan op de bank zit en Anab thee aan het zetten is (…) zegt Maryan:

‘Zie je die videobanden staan? Dat is allemaal porno. Harde porno. Die huurt Anab’s man en hij dwingt Anab naar die video’s te kijken en alle krankzinnige dingen te doen die op die video’s te zien zijn. Ze wordt anaal verkracht, er gebeuren vreselijke dingen met haar.’

Ik herken de verhalen: dit meisje is dezelfde als de Anab die ik ken uit het Haagse politiedossier. Terwijl haar verkrachter vastzit heeft haar familie geregeld dat de zwaar onderdrukte Anab is uitgehuwelijkt aan een neef, omdat ze niet langer maagd is. Het seksueel misbruik, dat gewoon ‘ niet voorkomt in onze familie’, is in de doofpot gestopt. De naam van de familie is gezuiverd.” (De Maagdenkooi, p. 31)

Beter islam dan niks, zoals James Kennedy meent? Ik begrijp dus de porno-zorgen van christelijk bevlogenen en quasi-linkse obscurantisten wel, maar het antwoord hierop is niet de vrouwenonderdrukking van de islam steunen, maar die bevechten. Eenvoudiger kan ik het niet zeggen.

Jan Slomp, predikant en islamoloog, zorgt voor een ander geluid uit het geestelijk hoekje waarin James Kennedy, André Rouvoet, Jeroen van Dijssel, Markha Valenta en Wouter Bos zich bevinden. Hij bevestigt uit onafhankelijke studie en contacten de visie van Bassam Tibi (Trouw 30-09-04): “Er is in de islam een kern-stroming waarvan de omvang moeilijk te bepalen is, maar die uitsluitend met christenen samenwerken als ze niet anders kunnen en dan nog uitsluitend als tijdelijk bondgenootschap, op weg naar de totale heerschappij.” Slomp wijst op ”het grote fundamentalisme-project van de universiteit van Chicago” waar ook de conclusie werd getrokken dat ideologische strijd de kern van de islam is.

Voor wie erop let, ziet een waar offensief, zowel tussen-de-regels-door als expliciet, om de islam te verharmlosen. Zoals vele scribenten, als een kwestie van gewoonte, altijd wel ergens een sneer naar Ayaan Hirsi Ali wisten in te voegen, zo kan men de laatste jaren ook in allerlei betogen plotseling een wending vinden waarin de auteur meldt dat het allemaal best mee valt met de islam en dat die racisten een toontje lager moeten zingen.

In de julidagen van 2006 las ik, tot twee keer toe aandachtig, “Het zijn net mensen”. van Joris Luyendijk. Dat boek gaat over het Midden Oosten en het domme cynisme van de bazen in media-land. De nitwitterige arrogantie, de denkluiheid en het laffe conformisme van de eind- en hoofdredacteuren verbaasden me niet, wel de positieve grondhouding die Luyendijk blijft aannemen tegenover de wereld van de Arabieren en de islam. Die houding vindt namelijk geen enkele grond in de gruwelijke werkelijkheid die hij beschrijft. (Kijk even in Luyendijk’s boek op pp. 111-112 voor een indruk van een een Egyptische gevangenis, een Egyptische dierentuin en Egyptische “jongens”.)

Luyendijk doet me denken aan een recensie die Eildert Mulder  — (“De sjaria omgetoverd tot iets hoopvols: wishful thinking in pleidooi van Maurits Berger”, Trouw 20-05-06) –  schreef over twee boeken van Maurits Berger (co-auteur van het idiote WRR-rapport over de islam) , te weten “Sharia – Islam tussen recht en politiek” en “Klassieke sharia en vernieuwing”.

Eildert Mulder schreef:  “Maurits Berger lijkt op een scholier die de stelling van Pythagoras bewijst, maar weigert de enige juiste conclusie te trekken: a-kwadraat plus b-kwadraat is c-kwadraat. In zijn boek (…) toont hij glashelder aan dat de sjaria in strijd is met de mensenrechten. Toch beweert hij dat  sjaria en democratie wel kunnen samengaan. Het feitenmateriaal en de conclusie sporen niet met elkaar.”

Zo ook Luyendijk.

Screenshot_39
Bregtje van der Haak. Ja, daar zit een Evaatje Braun in!

Daarnaast is er, zoals gezegd,  de tekst of tv-documentaire die er expliciet op gericht is ons vertrouwd te maken met het idee dat islamitische dictaturen en culturen heel gewoon zijn en de kleding die er gedragen wordt ook. Ergens in 2006 zag ik een VPRO-documentaire van ene Bregtje van der Haak over Saoedie-Arabië. (Bregtje mét t: zoiets zet me aan het fantaseren over haar ouders.) Bij haar reis door deze despotie, waarin achter de voorhangen zich natuurlijk ongetelde gruwelen afspelen, veel meer dan het Westen misschien ooit te weten komt, sprak ze zelf haar commentaar in. Dat deed ze op een-klein-meisjes-toontje, braafjes met eenvoudige zinnetjes zeer correct articulerend, elk woord erg zorgvuldig gescheiden uitsprekend. Ik kreeg visioenen van Bregtje van der Haak in het Duitsland van pakweg 1936:

Wij wor-den zelfs bij de Füh-rer toe-ge-la-ten. Hij draagt een snor-re-tje en is zeer voor-ko-mend. De bij-een-komst in Neu-ren-berg is zeer in-druk-wek-kend.

Ook in 2006: het jeugdjournaal met een niks-aan-de-hand-item over de bedevaart van Nederlands-islamitische schoolkinderen naar Mekka. Geen woord over de moorddadige islamitische despotie die dat land is.

In datzelfde jaar, eveneens jeugdjournaal: een reportage over kinderen die in Iran op bezoek zijn geweest. Leuk land. Niks aan de hand daar.

Ergens in 2006 verblijdde het verzetsblad Vrij Nederland met een reportage over hoe mode-ontwerpers zich hadden gestort op de kleurrijke boerka. Geen woord van kritiek in dit stuk op de stoffen vrouwengevangenis. Als Chadort Djavann, de uit Iran naar Frankrijk gevluchte schrijfster, de hoofddoek een “Jodenster” noemt, hoe noemen we chador, nikaab en boerka dan? Maar Vrij Nederland zag geen kwaad in dit symbool van racistische, islamo-fascistische onderdrukking.

Frank van Vree in een recente boekbespreking in de Volkskrant:

”Aan het einde van hun boek wijzen Salemink en Poorthuis op de vele parallellen in de debatten rond de islam, niet alleen met betrekking tot het virulente antisemitisme binnen de islamitsiche wereld – dat overigens van onversneden Europese afkomst is – maar ook in de manier waarop de islam vandaag de dag in grote delen van de westerse wereld wordt afgeschilderd.”

Om te beginnen heb je hier die kwaadaardig-maffe, starnakels gekke, levensgevaarlijke, aanstootgevende, perverse vergelijking van islam-kritiek en anti-semitisme weer.

Voorts: we wisten al dat het Nazisme erg veel succes heeft gehad in de verschillende Arabische Baath-partijen, maar  gelukkig vertelt Van Vree ons er nu bij dat het Europese antisemitisme in de Arabische harten puur Europees is gebleven, “onversneden” immers. Gelukkig maar, we dachten even dat racisme ook in rassen buiten het Noord-Europese sui generis  zou kunnen voorkomen. En die rare verhalen over die moslimcultuur, waarin vrouwen vermoord worden? Dat is net zoiets als de “Protocollen van de Wijzen van Zion” meen ik uit de woorden van Van Vree te moeten begrijpen. Anders gezegd: “Es ist nicht wahr!”

Wie erop let kan voortdurend dit soort kleine oprispingen van alledaagse quasi-linkse, quasi-kosmopolitische gekte uit de kranten selecteren. Je kunt er dagwerk van maken om het te weerleggen.

                               Screenshot_55
Hans Boland is grof, vies en lelijk en ook een domme lul

Ik begin me steeds meer bewust te worden van die voortdurende, zuigende onderstroom van multiculti-krankzinnigheid. In Trouw wordt het boek “Didar en Faroek”, geschreven door Sana Valiulina, besproken door Hans Boland. Deze man schijnt een eminent kenner van de Russische literatuur te zijn. Dus je verwacht een zekere geestelijke rijpheid.  Hij opent met:

“Sana Valiulina is een Estische Russin van Tataarse afkomst met de Nederlandse nationaliteit.”

Moet kunnen, denk ik dan als tolerante erfgenaam van “de jaren 1960”.  Maar ik word al argwanend bij :

“( . . .) speelt deze mengeling van culturen een hoofdrol en alleen daarom al is het een belangwekkend boek. Multiculturaliteit wordt hier namelijk niet geschilderd met de ogen van een Nederlander, wiens horizon vaak nogal beperkt is.”

Dan vertelt Boland dat Veriulina ons een wereld voortovert met allemaal fijne moslims die gelukkig leven onder de islam. En dan denk ik: moet kunnen! Móét kunnen bestaan! Ergens. Het zijn óók mensen. Wil ik in geloven. De verbeelding aan de macht! Even verderop zien we hoe de liefde die Boland heeft opgevat voor het goede in de islam leidt tot haat tegen wat de prettigheid in zijn hoofd verstoort:

“Valiulina schetst deze verhoudingen met een vanzelfsprekendheid die een verademing betekent in een tijd dat de Hirsi’s en Verdonks het hoogste woord voeren. Ook de culturele strijdbaarheid van deze Tataren, hoe vroom en vreedzaam ze verder ook mogen zijn, doen aangenaam aan. ‘De’ Russen zijn in hun ogen grof, vies en lelijk (. . .).”

Zien we de driedubbelovergehaaldheid hier? Verdonk en Hirsi Ali op één lijn stellen is natuurlijk al potsierlijk. Dan weer het totale voorbijgaan aan het feit dat Ayaan een bestrijdster van het fascisme is. Merk op dat de Tataren hun cultuur wél mogen verdedigen. En dan nog wel tegen Grof, Vies en Lelijk. Dat mag Boland van zichzelf allemaal zeggen. Van dit soort kleine, collaborerende, foute stukjes rotzooi, verborgen in allerlei teksten en tv-programma’s wemelt het, als je er op gaat letten.

Een week na Bolands domme recensie werd ik getroost door schrijfster Sana Valiulana zelf die in de Volkskrant (19-05-06) liet optekenen dat weliswaar in haar boek de islam het goede belichaamt tegenover het Stalinisme, maar een in plaats en tijd zeer beperkte variant vande islam is. Ze zegt:

“Vergelijk het niet met de hedendaagse ontwikkelingen in de islam.”

Boland, echt zo’n jaren-dertig-collaborateurs-naam trouwens, had haar dus misbruikt voor multikullerige islam-propaganda.

In Trouw (24-09-04) recenseert Ton Crijnen een biografie van Mohammed. Crijnen schrijft dat Mohammed blijkens deze biografie nog wel eens genocide pleegde, maar zijn eindoordeel over “de Profeet” luidt dat hij een “complexe persoonlijkheid”  was. Tsja.  Wat doe je als lezer van zo’n recensie vervolgens? Rivieren van alcohol dan maar?

Op  6 oktober 2003 in de Volkskrant: een lovende recensie over een avondvullende zelfmanifestatie op een podium door Kasper van Kooten. (Inderdaad, een zoon van Kees). Ik citeer recensent Nijenhuis:

“Van Kooten heeft de lach aan zijn kont hangen, maar schuwt ook diepgang niet. In een sketch over een volledig geïntegreerde Turk haalt hij doeltreffend simpel de angel uit de integratiediscussie.”

De angel uit de hele integratiediscussie in één enkel sketchj­e! Wat moet je daar nog op zeggen? Dat gaan we zien? Of misschien toch dit: ook in de diepgang heeft Kasper van Kooten de lach aan zijn kont hangen.

Ik moest aan  Kaspers vader,  Kees van Kooten, denken en haalde uit de kast “Verplaatsingen”, 1993 en las op p. 74-75 over een reis die Kees met zijn vrouw  in Indonesië maakte. De inheemse reisgids, die desondanks blijkbaar Harry heet, vertelt over Soekarno:

“Een neef van mij ( . . .) was twee jaar lang een van de adjudanten van Soekarno. En president Soekarno had een afspraak met zijn adjudanten. Als hij op reis was door Indonesië en overal toespraken hield, dan zei hij bijvoorbeeld: wij moeten allemaal meewerken aan de economische opbouw van ons mooie vaderland. Niet alleen jij, maar ook jij en u en jij en jij daar! En dan wees hij mensen in de zaal aan, mannen en vrouwen en jongens en meisjes. En de zevende op wie hij dan zijn vinger richtte was altijd het mooiste meisje van de avond, dat hem al bij zijn komst op het podium welgevallig was geweest. En de adjudanten hun taak was het om goed op te letten en mee te tellen (…) want nummer zeven moest na afloop naar zijn hotelkamer worden gebracht, om de nacht met hem door te brengen. ( . . .) ‘Maar als zo’n meisje dan niet wou?’ vraagt mijn vrouw namens alle vrouwen. Harry glimlacht droevig, maar niet ontevreden. ‘Een vrouw in Indonesië, zij mag nooit iets weigeren, mevrouw.’ “

Met in gedachten zoon Kasper, die met een enkel sketchje de angel uit het integratiedebat haalt, en de islamitische aanslagen op Bali in het geheugen, lees ik zo’n passage nóg net even anders dan vroeger.

Ik zag in de aanloop naar de Kerstdagen van 2005 een kwaliteitsdocumentaire – want Paul Schnabel zat er in –  van de publieke omroep. Het ging over “onze identiteit” en de domheden en plattitudes werden weer prachtig om de werkelijke problemen heen gedrapeerd. Een enkel verstandig citaat kwam van een journalist, opgetekend uit de mond van een anonieme Amerikaan: “You’re so open-minded, your brain fell out.” Misschien geschikt voor op een Delfts-blauw tegeltje, thuis aan de wand bij kamerlid Dijsselbloem?

Dit soort hersenverweking heeft overigens ruim toegeslagen. In dezelfde documentaire: een geleerd kijkende veertiger die een humanitair-sociologisch genootschap vertegenwoordigde, ik weet bij God niet meer welk. Je had dat kalm-zelfingenomen gezicht moeten zien waarmee hij het voorstel tot verbod op de boerka becommentarieerde. Hij zei dat je veel bij wet kon regelen, “maar niet hoe je erbij loopt op straat”. Alsof het om een stukje tijdelijke subcultuur van onschuldige aard gaat. Hot-pants, plateau-zolen, petty-coats. Zoiets.

Domheden en plattitudes: er trad in diezelfde documentaire een jonge geleerde met open kraag op, ongetwijfeld PvdA of nog “linkser”dus. Zijn naam heb ik gemist, maar hij zei dat je als volk nou eenmaal altijd een vijandbeeld hebt. Want eerst waren het voor ons Nederlanders de Belgen, toen de Duitsers en nu hadden we de moslims als vijand “gedefinieerd”. Zo zei hij het. Niet meer en niet minder. Maar vooral dus dat wij ze gedefiniëerd hadden. Ik ben historicus van mijn oude ambacht, maar dit is dermate dom gelul dat ik niet zou weten hoe ik het nog zou moeten kritiseren.  Maar zo’n Kloris is dus afgestudeerd, misschien zelfs gepromoveerd en heeft ergens een positie die maakt dat hij Interview-fähig bevonden wordt door de “kwaliteitsmedia”.

Screenshot_41
Anja Meulenbelt, volgens Roelf-Jan Wentholt die haar wel eens live heeft gezien “een opblaasbaar luchtbed half gevuld met water”. Zij knuffelt de islam namens de SP. Ja, want ook de ogen van Jan Marijnissen schieten vuur als iemand aan de islam komt!

Jan Marijnissen in een interview met Trouw (4 januari 2005):

“Zijn ogen schieten vuur, de sigaret wordt vermorzeld in de asbak. ‘Kwam bij de moord op Theo van Gogh de kogel van de islam? Wat een onzinnige stelling.’ “

Wat moet je hier nog van zeggen? Hier zit bij de heer Marijnissen toch een steekje los?

De SP heeft  tegenwoordig een senator die Marijnissen waardig is en getrouw alles is blijven aanhangen wat tegen het “kapitalisme” is, hoe reactionair ook. Anja Meulenbelt, die, samen met een mevrouw die met het grootkapitaal was getrouwd – Gretta, ja –  de Palestijnse zaak en dus de zaak van de Arabische dictaturen onverkort steunt. Meulenbelt is ooit in China geweest te midden van de moordpartijen van de ”Culturele Revolutie” en heeft daar net zo blind rondgelopen als nu in de Palestijnse gebieden. Op de vraag van het Volkskrant-magazine wat haar grootste zorg in Nederland is, antwoordde Meulenbelt ergens in 2003: “De toenemende islamo-fobie.” Tout court. Comme ça.

Op zondag 4 juni 2006 zap ik ‘s middags langs een discussie programma op tv. Het gezicht van Meulenbelt. Ze zegt: “Als we iets van islam hebben geleerd dan is het wel dat de middenweg vaak de beste is.” Ongelogen. Dat zei ze letterlijk. Dan ben je dus totalie-starnakelie.

Ik probeer te schetsen een sfeer van gekte, van decadentie, van geestelijke ontreddering.  Ik beschrijf het narcistisch-hedonistische zelfmanifestantendom der obscurantistische zwetskonten van quasi-links. Ze zullen het  net zolang fijn hebben in  het eigen hoofd  tot  het kwaad dat ze niet willen zien hun eigen voordeur intrapt.

In het Parool (datum vergeten op het knipsel te zetten) recenseerde Dick van Galen Last een boek van Robert O. Paxton, “The Anatomy of Fascism”. Ik citeer Van Galen Last:

“Hoe men fascisme in onze tijd kan herkennen, probeert Paxton tenslotte duidelijk te maken aan de hand van een definitie. Volgens hem moeten de volgende mobiliserende factoren aanwezig zijn, wil men kunnen spreken van fascisme: ( . . .) een bewustzijn van een crisis waarvoor traditionele oplossingen ontoereikend zijn; de ondergeschiktheid van het individuele belang aan dat van de groep; de overtuiging dat de eigen groep het slachtoffer is; de vrees dat de groep ten onder gaat door het individualistische liberalisme, het klassenconflict en invloeden van buiten; de noodzaak tot opgaan in een nieuwe zuivere gemeenschap, desnoods met geweld; de noodzaak van mannelijke leiders die het historische lot van de groep belichamen; de superioriteit van de instcincten van de leider boven abstracte en universele rede; de schoonheid van geweld en wilskracht; het recht van het uitverkoren volk om in de strijd om het bestaan anderen te overheersen. “

Je moet er oog voor hebben, maar ik zie hoe zo’n beschrijving van het fascisme, niet een hele scherpe of totaal dekkende, maar toch niet onverdienstelijke beschrijving is van het moderne islamofascisme. Maar Van Galen Last en Paxton, geheel in de geest van de hedendaagse perversiteit komen uit bij . . . . . .Fortuyn! Want de vervolgzin bij bovenstaande passage luidt:

“Onder de recente golf van oplevend fascisme noemt Paxton ook Pim Fortuyns populisme ( . . .).”

Van Galen Last is niet verwonderd.

HP/De Tijd, 14 december 2001. Een beschrijvend interview met de Iraanse Farah Karimi, Tweede-Kamerlid voor Groen-Links. Ze ergert zich, zegt Karimi, “wild” aan het gebrek aan inlevingsvermogen in Nederland. Ik citeer HP/De Tijd:

“Haar opvoeding was traditioneel, maar niet onvrij. Anderen behandelden haar met respect, want haar familie van grootgrondbezitters had aanzien. Een puur feodaal systeem, zegt ze zelf zonder enig waardeoordeel. Haar grootvader ‘bezat’ een aantal dorpen, en had tot kort voor haar geboorte zelfs lijfeigenen. Zijn wil was wet. Hij had vier vrouwen, maar als hij een meisje wilde, kreeg hij het.

Screenshot_42Twee linkse gekken maken plezier: Farah Karimi en . . . . hoe heet die hardlopende anorexia-cabaretist ook alweer? 

Ze moeten hem wel gehaat hebben. ‘Welnee, het was toen zelfs een eer!’ zegt Farah Karimi verbaasd. Geduldig legt ze uit hoe het systeem werkte. In de sji’itische cultuur mag een man vier vrouwen hebben. Dat officiële huwelijk heet aghd. Daarnaast is er het tijdelijke huwelijk (variërend van een paar uur tot 99 jaar) met een prijsafspraak. Dat heet sighde. Lachend: ‘Dat principe paste mijn grootvader graag toe.’ [Lachend!!] Ze begrijpt dat het voor een westerling moeilijk is te bevatten dat een man vier vrouwen heeft, laat staan dat hij er niet genoeg aan heeft. ‘Toch was het een van de verworvenheden van de islam in het oude Arabië. De vrouw kreeg een zekere positie. Het was een vorm van gelegaliseerde prostitutie, die nu onder de mullah’s weer wordt toegepast.’ “

Einde citaat. Het vette is van mij. Zonder waardeoordeel. Het was een eer. Ze legt geduldig de werking van het systeem uit. Nu begrijpen we de wilde ergernis van Farah Karimi beter. En we snappen nu ook waarom al die Marokkaansen en Turksen die hoofddoek hier met ere dagen. Vanwege het systeem dat wij hier maar niet begrijpen. En dan erger je je wild. Groen-Links heeft weer een Singh Varma, maar dan anders. Traditioneel maar niet onvrij. Onvrij waren de anderen.

En we beseffen ook hoezeer Jan-Willem Duyvendak, mede-auteur van het nieuwste par­tijprogramma van Groen-Links, gelijk heeft als hij meent dat het beleid in Nederland richting autochtonen strenger moet worden:

“Bij die ( . . .) strengheid kun je denken aan gewenningscursussen voor de autochtone middenklasse.”

Ik probeer, zei ik al, een sfeer van kwaliteitsloosheid, van gekte, van decadentie, van totale, totále, totááále geestelijke ontreddering te schetsen.

          Screenshot_51
Marcel van Dam, vette regent en pensioenen-miljonair.
Bezichtig hier zijn landgoed.

Op 2 oktober van 2003 schreef Marcel van Dam in zijn column in de Volkskrant dat er op allochtonen bij inburgering geen druk uitgeoefend mocht worden. Allochtonen hoeven zich alleen maar aan de wet te houden, zei Van Dam, maar ze hoeven zich niet aan onze normen en waarden aan te passen. “Allochtonen zijn pas geïntegreerd als ze sinterklaas vieren”, schreef hij snerend. Ja, dat zou het laatste stapje kunnen zijn, maar misschien eerst ophouden met de uithuwelijkings-praktijken tussen Nederland en het thuisland, die vrouwenhandel dus. Ophouden met de xenofobie die zware sancties zet – tot eerwraak aan toe –  als een moslima met een niet-moslim wil trouwen.  Ophouden met vijf tot tien maal zo hoog in de criminaliteits-statistieken te zitten als op grond van hun aandeel in de bevolking normaal zou zijn. Hoezo Sinterklaas? Ophouden met twee keer zo veel kinderen te krijgen als de autochtone bevolking, dus met wat Oriana Fallaci “de politiek van de baarmoeder” noemt.

Ja, er zijn nieuwe officiële statistieken die zeggen dat de vruchtbaarheid van de moslimbevolking vermindert. Ik ben inmiddels zo ver dat ik die statistici niet meer geloof. Geïnfecteerd ben ik door het islamitische complot-denken, vermoedelijk

In 2002 had pensioenen-miljonair Van Dam vanuit zijn Veluwse landhuis al laten weten:

”Toen waren de joden de zondebok voor de economische crisis, nu zijn de moslims de zondebok van de veiligheidscrisis.”
(Dick Pels, “Geest van Pim”, 235)  Nederland dus als Weimar, post-Weimar en Hitler-land. Zou je op grond van dit soort kwaadaardige onzin tegen de man die Pim Fortuyn ooit op de televisie, in een veelbekeken programma, toevoegde “U bent een minderwaardig mens!”  mogen zeggen: dit is hatelijke, opzettelijk blinde vergoeilijking van een totalitair systeem, de reëel bestaande islam, en de demonisering van een fatsoenlijk mens? Totaal geflipt is dit. Nog afgezien van het feit dat de jodenvervolging op etnische grondslag plaats vond en de islam een religie is die verscheidene “rassen” omvat.

Van Dam op 26-02-04 (Volkskrant), schrijft een column waarin hij de Westerse cultuur relativeert. o.a. de democratie:

“En welke morele voorsprong heeft Europa eigenlijk te danken aan de demokratische verkiezing van Hitler? Welke universele rechten danken de Palestijnen aan de democratisch gekozen Sharon? Hoeveel autocratische regimes zouden zich niet schamen voor een maatregel om schending van de lichamelijke integriteit van sommigen op te willen sporen door alle minderjarige vrouwelijke leden van een bepaalde etnische groep te verplichten in hun kruis te laten kijken.”

Hitler is echter aan de macht gekomen door een combinatie van straatterreur, machtsmanipulaties, bureaucratische infiltratie en verkiezingen, net zoals Hamas dat later zou doen. Sharon werd inderdaad democratisch gekozen en er was altijd flink wat oppositie tegen hem in Israël, die zich vrij kon uiten.

De “autocratische regimes” die Van Dam noemt, schamen zich in de regel niet voor moord, marteling, corruptie en genocide. Dus hoe pervers moet je zijn om die regimes hier op te voeren als in staat tot schaamte over een vrouwelijke arts die de genitaliën van een weerloos kind controleert op verminking?  Wat zei Van Dam ook alweer tegen Fortuyn?  “Zeer minderwaardig mens” toch? Het zegt iets over het Nederlandse culturele klimaat dat een prominent PvdA-er zoiets ongestoord kan schrijven en dat iemand die hem, bijvoorbeeld, publiekelijk helemaal de tering zou schelden, buiten de orde geplaatst zou worden door tuitemondje-knijpekontje-politiek-correct. Ik herhaal het: ze zijn écht gek!

                              Screenshot_52                                                                             Meino Hurenkampf,  pervers denker

Menno Hurenkamp (Volkskrant,Forum 23 september 2003) wist ook al zo goed positieve cultuurelementen in Nederland te om­schrijven. Hoerenkamp schreef:

“( . . .) want de kern van het beleid: wie precies waarin geïntegreerd moet worden, blijft ongewis. Gaat het om het Nederlands, dat al die jonge criminelen prima beheersen? Of om Hollandse waardering voor kale leernichten en zelfdodende bejaarden?”

Voor een goed begrip: dit was werkelijk alles wat deze Kamphoer over de Nederlandse cultuur in zijn hele stuk te zeggen had.  “Zelfdodende bejaarden“, over zo’n term moet je op zich even mijmeren, nog los van het feit dat hij fijntjes gekoppeld staat aan “kale leernichten“. Bedoeld is waarschijnlijk de Nederlandse discussie rond euthanasie, de “goede dood”, het zelfgekozen levenseinde, het sterven zoals je zelf wilt. Mij lijkt integratie in een cultuur waarin zo’n discussie mogelijk is zeer wenselijk. Waarbij de allochtoon tevens loskomt uit “culturen” waarin op het entameren van een vernieuwende ethische discussie meestal de doodstraf volgt. Lijkt me niet verkeerd. Toch? Voorts: allochtonen, cultureel komende uit de sfeer van theokratieën waar het haten van homoseksualiteit verplicht is, die in Nederland de vrijheid gaan appreciëren die “kale leernichten” hier genieten?  Lijkt me – afgezien van excessen – goed. Ja toch? Nee dan? Maar hij blijft een veel gevraagde leuterkont, deze Mein Hurenkampf, in allerlei media.

Screenshot_45                                    Hafid Bouazza, genetisch afwijkende Marokkaan

Hafid Bouazza, een van de weinige intellectuelen van Marokkaanse afkomst die we in Nederland kennen heeft Femke Halsema ooit eens toegevoegd dat haar “ethische hoererij” aan het doorschieten was. En hij had gelijk. Ga maar na: Ayaan Hirsi Ali noemt Mohammed een perverse tiran. Volkomen terecht zoals deskundigen vervolgens uitleggen, want de Profeet was bepaald geen Jezus-figuur en liet nog wel eens een vrijheidslievende stad of karavanserei uitmoorden en trouwde, voorzover ik weet, in minsten één officieel geboekstaafd geval een negenjarig meisje. Een tiental ambassadeurs van islamitische landen protesteerde vervolgens tegen de heiligschennende woorden van Ayaan en werden door Gerrit Zalm ludiek ontvangen met Limburgse vlaai.

Koeienvlaai was beter geweest,  zei Bouazza. Ik zeg: had het verrekte schorem maar een Hollandse koeienvlaai in derlui fascistische porem gedrukt. Maar het ergste was Femke Halsema, die vond dat ze Ayaan Hirsi Ali onfatsoen moest aanwrijven, niet de ambassadeurs.

Screenshot_46
Elma Verhey is van de
antisemitische Volkskrant, zij wordt geprezen op het weblog van de antisemitische Anja Meulenbelt, die lid is van de antisemitische SP. Nou, dan weet je het wel.

En dan Vrij Nederland, waar indertijd de lesbo-angehauchte feministes onder Xandra Schutte nog erger bleken dan de gewone carrière-feministes van het Opzij-allooi: in VN schreef ene Elma Verheij een insinuerend, smerig rot-stuk over Ayaan, namelijk dat Ayaan die verhalen over die bedreigingen misschien wel verzonnen had, omdat ze geestelijk wellicht uit balans was. De ranzigheid van dat stuk is later alleen overtroffen door de Zembla-documentaire over Ayaan’s Nederlanderschap onder Kees Driehuis.

                             Screenshot_53
Xandra Schutte, nog zo’n linkse lesbo met islam-sympathieën

Screenshot_54

Drie jaar geleden. Het was begin september. Dat heb ik onthouden omdat de verjaardag van de Twin Towers-aanslag naderde. Amsterdam-Oost, hoek Van Swindenstraat-Linnaeusstraat. Een van die grote glazen reclame-dingen waarin aan twee kanten een reuzen-affiche zit en die je de laatste jaren overal in de stad ziet. Een gigantisch menselijk hoofd keek mij aan. Nou ja, menselijk hoofd, dat is teveel gezegd. Men zag slechts de ogen van een dame, die voorzien was van hoofddoek plus gezichtsdoek. Ze droeg een nikaab, dus. Ik was even in verwarring, want er was iets prettigs aan deze foto, terwijl normaal dit soort religieus harnas­ stante pede mijn diepe walging wekt. Pas na even staren drong tot me door met welke truc ik als kijker geflest werd door de makers van de foto: ze hadden ervoor gezorgd dat de ogen die de voorbijganger over de neus-mond-doek aankeken ongewoon mooie, amandelvormige, warm-bruine ogen waren. Hoe zou, zo zei de foto impliciet, al draagt ze een nikaab, de bezitster van dergelijke ogen nou ongelukkig of “fout” kunnen zijn?

Toch vroeg de tekst onder de foto of we hier te maken hadden met een “probleemgeval” of een “powergirl”. Deze vraag werd de Amsterdamse voorbijganger van gemeentewege gesteld, begreep ik, en wel in het kader van een internet-discussie, geëntameerd door tolerante wethouder Rob Oudkerk (die hoort nooit meer een politieke functie van de PvdA te krijgen) over wat ook nu nog wel de “multiculturele samenleving” wordt genoemd. De voorbijganger kon antwoorden op “www.amsterdamleeftsamen.nl” en suggesties doen over de wijze waarop de islamitische vrouw in Nederland geëmancipeerd zou kunnen raken. Nou, ik heb dertig seconden op de betreffende website gekeken en ben in die tijd genoeg ge­schrokken van het niveau van de bijna uitsluitend allochtone bijdragen om weer af te sluiten. De suggestie dat zo’n vrouw een “powergirl” zou kunnen zijn is overigens volstrekt belachelijk en diep aanstootgevend, tenzij “power” verwijst naar de explosieven die ze onder haar tentjurk verborgen zou kunnen hebben.

Toen ik er voor de tweede keer voorbijliep kon ik het niet laten een revolutionaire vuist naar de provocatie te maken en de strijdkreet van het Zuid-Afrikaanse ANC ontsnapte mij ( ik weet bij God niet waarom juist die kreet): “Amandla!” Een achter mij lopende Marokkaan, begin veertig, spijkerbroek, zwart leren jasje, siste me agressief in mijn rug: “Jajaja! Goed voor jou! Goed voor jullie!”

Screenshot_49
Het huichelsmoel van Akbar Ahmed druipt nog net niet van zijn aangelaatsbotjes

Tenslotte: kijk met mij in de journalistieke afgrond en zie hoe de Volkskrant in de verre diepten  rock-bottom raakt: “Seks wint het voor Amerika van fatsoen“.

Aldus luidde de kop boven een artikel op de Forum-pagina van ­­14 september 1998. Naar aanleiding van de be­schuldiging dat president Clinton seks had gehad met zijn secretaresse Monica Lewinsky, betoogde de auteur, ene Akbar Ahmed, dat het Westen is geobsedeerd door seks. Dit dan in tegenstelling tot de moslim-wereld, waar, zo meende hij, fatsoenlijk omgaan met de vrouw nog algemeen als hoge deugd werd gezien. Decadente Westerlingen, zeide Ahmed, zullen hun fatsoen moeten leren houden, en Clinton moeten veroordelen, want anders wordt het moslimterrorisme alleen maar heviger. Hoe moet je dit dreigende gezwets noemen? The mother of all gotspes? Het afdrukken van dit volstrekt krankzinnige stuk was een extra bewuste keus geweest van Volkskrants Forum-redactie, want het stuk was overgenomen uit Amerikaanse bron en vertaald.

Je zou moeten mogen hopen dat je hier geen toelichting op hoeft te geven. Maar laat ik het maar wel doen. Neem uit die zee van lectuur over het Arabische “respect” voor de vrouw – Betsy Udinks “Allah en Eva” is het allerbeste –  nu eens èèn met relatief veel erbarmen geschreven voorbeeld: “Egypte: een goede man slaat soms zijn vrouw”, een boek van Joris Luyendijk. Dat boek getuigt volgens Vrij Nederland “van een grote mate van betrokkenheid, paradoxaal genoeg door het almaar groter wordende gevoel van verbijstering en teleurstelling”. Ja, precies!

In dit boek van Luyendijk kan men lezen van een instituut dat door de hele wereld van de Islam verbreid is en in Egypte huichel­achtig aangeduid wordt met “dingen die overdag gebeuren”. Dat is de officieel-religieus gesanctioneerde gewoonte dat rijkere moslims een of meerdere vrouwen ergens op een flatje hebben zitten en daar dan regelmatig gaan neuken als moeder de vrouw met haar hoofddoek thuis binnen zit. En nu spreken we nog niet van de Taliban in Afghanistan of de jonge zede­lijkheidswachters tijdens de Khomeiny-revolutie in Iran. Die sloten massaal zogenaamde “tijdelijke huwelijken” met vrouwelijke gevangenen om vervolgens, na uitgebreid misbruik, weer van ze te scheiden en ze te vermoorden.

Screenshot_50
Idi Amin in Saoedi-Arabië met een andere vertegenwoordiger van het geloof van de vrede. Beiden uiteraard gekleed in zuiver slagerswit. 


In een land als Saoedie-Arabië, bijvoorbeeld, waar massa-moordenaar Idi Amin tot zijn dood luxe asiel genoot en in het rond naaide, hebben ze voor dit soort praktijken geen revolutie nodig: in de paleizen daar is het misbruiken en vermoorden van zowel inheemse vrouwen alsook uit alle windstreken van de wereld aangevoerde heidense teefjes en christen-hoertjes dagelijks werk. Idi Amin heeft in Saoedi-Arabië niet alleen jarenlang asiel genoten omdat hij opportunistisch de kant van de Palestijnen had gekozen in het conflict met Israël, maar omdat hij een van de leveranciers van te misbruiken en te vermoorden jonge vrouwen is geweest. Amin wist te veel. Kan ik dat laatste documenteren? Neen, ik heb het zelfs nog nooit eerder horen beweren en er nog nooit iets over gelezen. Toch durf ik er mijn leven onder te verwedden dat het waar is.
____________________________________
*** Voor wie het tantaliserende pleuris-gezeik met die cookies van de Publieke Omroep moet omzeilen is hier de hele link: http://www.vpro.nl/speel.program.86607.html
______________________
Link naar dit stuk bij E. J. Bron

Advertenties