Screenshot_4

(Door: Martien Pennings)

In de Volkskrant van 29 juni 2013, een paar dagen voor wij vierden hoe 150 jaar geleden de slavernij op 1 juli 1863 werd afgeschaft, vertelt Piet Emmer hoe het werkelijk zit met die flauwe kul die alle moderne problemen van de Homo Africanus wijt aan de slavernij. Op dat stuk is hier op deze site de aandacht al gevestigd.

Ik ken een linkse oudere jongen, die in de jaren 1970 als journalist heeft rondgezworven in Afrika en die zijn ervaringen aldus samenvat: “Als je één jaar in een Afrikaans land rondloopt met je ogen open en je bent géén racist als je terugkomt, dan ben je gestoord.”

Tsja, dat is pittig en een wel héél korte verklaring voor het feit dat het met Afrika alsmaar niet wil lukken. Maar dat feit ligt er wel. Ik noem het prachtland Zuid-Afrika, waar sinds de zwarten aan de macht zijn de misdaad, het verkrachten, de corruptie en het vermoorden van “boeren” en hun gezinnen epidemisch zijn. Googel eens op Liberia of Zimbabwe. Soedan?

In het Amsterdamse Oosterpark staat het slavernijmonument. Over de esthetiek daarvan kan je veel zeggen. Persoonlijk vind ik dat er twee opschriften aan dat monument bevestigd moeten worden. Een aan de voorkant, vlak onder die pronte gietijzeren vagina van die bevrijde juichslavin:

“Opdat wij onze rancune levend houden en géén verantwoordelijkheid voor ons eigen leven hoeven te nemen.”

En voorts zou ik graag aan de achterkant een bord zien met de volgende tekst:

“De christelijke moraal verzet zich tegen slavernij, de islamitische moraal schrijft slavernij voor. De slavernij in de islam was oneindig veel wreder dan die in het Christendom en bestaat nog steeds.”

Screenshot_5

Ik zal nu proberen het stuk van Piet Emmer vrij te bewerken en in een aantal handige stellingen samen te vatten. Handig? Ja, handig voor de discussie die we wellicht allemaal wel eens moeten voeren met zo’n Keti-Koti-adept voor wie de eeuwige blanke schuld ondelgbaar is.

1) Herdenken is generatie-gebonden. De generatie die “het” (een oorlog, de slavernij, de kinderarbeid, vrouwendiscriminatie etcetera) heeft meegemaakt heeft recht op een zekere wrok. Maar de volgende generatie heeft dat recht al veel minder en de volgende generaties al helemaal niet meer. (Gedenk de “Palestijnse vluchtelingen”, aangegroeid tot vele miljoenen in drie generaties!) Het eisen van compensatie en excuses voor iets wat 150 jaar geleden is gebeurd, zoals sommige van onze Caraïbische Nederlanders doen, is dus dwaas. Het zou hetzelfde zijn als rond het jaar 2095 Nederlanders nog steeds genoegdoening zouden eisen voor de Bezetting door de Duitsers in 1940-1945.

2) De eis tot genoegdoening voor de slavernij kan ook niet gebaseerd worden op de stelling dat zonder slavernij Nederland nooit zo welvarend was geworden en dat de industrialisatie pas mogelijk werd door de opbrengsten uit de slavernij, want dat verband is niet aantoonbaar, zelfs niet voor Engeland, dat een van de meest winstgevende slavernijsystemen had en als eerste industrialiseerde. Voor Nederland is dat verband geheel afwezig, want de Nederlandse slavenhandel verschrompelde in de loop der tijd tot twee of drie schepen per jaar, terwijl er bovendien nergens zoveel plantages zo snel failliet zijn gegaan als in de Nederlandse koloniën in de West.

3) De zwarte slaven in de Nederlandse koloniën in het Caribische gebied, in Azië en Zuid-Afrika, staken qua materiële positie gunstig af tegen die van het blanke proletariaat in West-Europa en al helemaal tegen die van de blanke horigen in Oost-Europa en de zwarte slaven in Afrika zelf. Juist daarom, zegt Emmer, knepen de kerken vaak een oogje dicht, omdat  . . . . . . . . . . een zwarte slaaf onder “blanke” hoede gemiddeld altijd nog het beste af was. (!) Dus ook daar kan geen legitimatie voor extra-king-size-super-plus slachtofferschap vandaan gehaald worden en op grond daarvan dan weer bijzondere privileges.

4) Al die alleenstaande moeders die we in hedendaagse zwarte gemeenschappen vinden, zouden door de blanke slavendrijver zijn veroorzaakt. En wel op drie manieren.

a) Hij rukte gezinnen uit elkaar door de leden ervan gescheiden te verkopen. Nee hoor! De blanke meester kreeg helemaal geen gezinnen aangeleverd, want gezinnen en families waren door de Afrikanen en Arabieren allang uit elkaar gehaald voordat ze hun slaven aan de Europeanen verkochten. Eenmaal op plantages aanbeland, werden ze ook al zelden door verkoop uit elkaar gehaald. Onder de vrije kolonisten in de Nieuwe Wereld vond veel meer migratie plaats, terwijl slaven generaties lang op dezelfde plaats bleven. De slavernij heeft de hechte gezins- en familiebanden juist bevorderd. Eenoudergezinnen zijn niet het gevolg van de slavernij.

Ik ben bovendien  geneigd te vragen: en hoezo zou de zwarte mens door die hartverscheurende gezinsdrama’s dan geprogrammeerd raken om op grote schaal uit vrije wil gebroken gezinnetje te gaan spelen?

b) Ook de neiging bij de mannelijke Homo Africanus om wel kinderen te maken bij verschillende vrouwen, maar er niet voor te willen zorgen, zou  aan de slavernij liggen: want hoe kon een vader voor zijn kinderen zorgen, als hij steeds gevaar liep verkocht te worden?

Dat gevaar liepen ze dus niet of nauwelijks – zie boven – maar bovendien, áls dat nou eens waar geweest zou zijn, dan geldt nóg: als je dat gevaar NIET meer loopt en dan ga je toch netjes voor je gezin zorgen? Of wordt die in het rond-neuk-gewoonte in een paar generaties al genetisch?

c) Vrouwelijke slaven zouden door de bazen op de plantages vaak zijn misbruikt en samen met de vele verkopingen zou dat een traditie hebben geschapen van vroege zwangerschappen met wisselende seksuele partners. Onzin: slavinnen kregen juist relatief laat hun eerste kind in vergelijking met andere bevolkingsgroepen in Noord-Amerika. Verkrachtingen kwamen voor, maar blanke bazen waren bang om op dit punt over de schreef te gaan. Er was een grote overmacht aan slaven op de plantages. Emmer: ”Dat kon al snel uitlopen op een staking, een opstand of vergiftiging.”

Idem dito zoals bij punten a) en b): hoezo zou, als het al waar geweest zou zijn, bij zwarte jongedames de in-het-rond-neuk-neiging daardoor genetisch verankerd zijn geraakt?

5) Ook de relatief hoge criminaliteitscijfers onder moderne zwarten zouden aan de slavernij te wijten zijn, want als je iemand alle bezit ontzegt, wordt hij vanzelf een dief en wie in een omgeving leeft waarin voortdurend wordt afgeranseld, verminkt en gemoord, wordt vanzelf gewelddadig.

Dat is op zich al onzin. Bovendien: de blanke bazen waren terughoudend in het straffen. Met alleen de zweep regeerde je niet lang. Emmer: “Op de plantages was veel meer sprake van geven en nemen dan de abolitionisten in Europa zich konden indenken. Om winst te maken was een goede verhouding tussen het management en de slaven essentieel en daarom was het de slaveneigenaren en opzichters geraden zich stipt aan de gebruikelijke werktijden te houden en op tijd de wekelijkse en maandelijkse voedsel-, tabak- en drankrantsoenen ter beschikking te stellen net als een stukje grond voor het telen van eigen gewassen en ieder half jaar de gebruikelijke lappen stof en gebruiksvoorwerpen uit te delen, zoals messen, vishaken en pijpen. Niets wijst erop dat gedurende de slaventijd diefstal, moord en doodslag aan de orde van de dag waren. In Europa waren procentueel veel meer politieagenten en soldaten en dat doet vermoeden dat de koloniale slavensamenlevingen veel minder werden geteisterd door oorlogen, opstanden en criminaliteit dan Europa.”

En alweer: áls het al waar zou zijn geweest dat die plantage-omgeving zo misdadig was, dan word je daardoor als zwarte mens toch niet automatisch óók misdadig van?

6) Door het chronische tekort aan water tijdens de oversteek zouden alleen die slaven hebben overleefd die vocht konden vasthouden en dus meer zout dan gemiddeld in hun lichaam hadden. Dat zou de verklaring zijn voor het vele voorkomen van hoge bloeddruk onder zwarten in Noord-Amerika. Dat is niet juist, want onder de nakomelingen van de slaven in het Caribische gebied en Brazilië komt hoge bloeddruk niet vaker voor dan gemiddeld, terwijl hun voorvaderen dezelfde oversteek hebben gemaakt.

Zo. En nu moesten we dat motto bij het slavernijmonument maar eens waar gaan maken: “Gedeeld verleden. Gezamenlijke toekomst”. Ik geloof dat ik die zinrijke spreuk nog het mooiste aan dat hele pathetische monument vindt. Al zijn die achterste slaven die nog in ketenen lopen eigenlijk wel goed getroffen. Jawel. Toch wel.

UPDATE:
Het houdt dus niet op. Op 26 juli 2013 kopt de Volkskrant: “Cariben willen geld van Nederland om Atlantische slavenhandel”:

“Leiders van diverse Caribische landen zijn in Miami bijeengekomen om een gezamenlijke eis te formuleren voor schadevergoedingen van Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland, voor wat zij de voortslepende erfenis van de Atlantische slavenhandel noemen.”

Lees hier een kritische waardering van dit initiatief van mevrouw A. Nanninga van GeenStijl.

Screenshot_6

______________________________________
Link naar dit stuk bij E. J. Bron

Advertenties