CHARLIE HEBDO REDACTIELOKAAL NA AANSLAGNa de slachting in Parijs bij Charlie Hebdo klinkt overal de roep om hervorming van de islam. Maar de islam hervormen of verlichten is onmogelijk. Ik zal in de komende tijd proberen een analyse te schrijven van de post-Hebdo-discussie en het is handig als ik daarbij naar een artikel als dit kan verwijzen.

Op de website van de Vlaming Koenraad Elst kan men onder de titel “Islam voor Ongelovigen” een uitgebreide analyse van de islam vinden in drie delen 1. De Profeet, 2.De Koran als grondslag voor het moslimfanatisme, 3. Politieke doctrine van de islam. Wie dat gelezen heeft, weet voor de rest van zijn leven dat de islam a) een wrede en onderdrukkende moordenaars- en slavenhalers ideologie is, en b) onhervormbaar is. Als de islam een Reformatie- en Verlichtings-fase zou doormaken dan zou men merken dat Geert Wilders méér dan gelijk heeft, want dat, als alle onderdrukkende en agressieve soera’s uit de Koran geschrapt worden, van dat boek niet ééns iets ter dikte van de Donald Duck overblijft maar helemáál niks. Voor wie niet graag zoveel leest, is er een gesproken snelcursus van drie kwartier door Bill Warner onder de titel “Why we are afraid: a 1400 year secret”. En voor wie er écht zijn gemak van wil nemen en het gezag van Arabist Hans Jansen aanvaardt, kan het definitieve oordeel over de islam, neergeschreven twee dagen na Charlie Hebdo, bij GeenStijl vinden onder de titel “De nieuwe heldhaftigheid”. Ja, inderdaad: het gaat óók over al die helden in media en politiek die Geert Wilders het liefst zouden vervolgen en Charlie Hebdo eigenlijk vulgair en “islamofoob” vonden en vinden, maar nu ineens allemaal “Charlie” heten.

Ook ik heb vaak over de Profeet Mohammed geschreven. En bij Koenraad Elst kan men veel over hem te weten komen. Maar misschien is het handig voor de luieriken onder ons om, alvorens ik een groot aantal soera’s uit de Koran citeer, een idee te geven wie nou die mythische Profeet Mohammed was, namelijk een moordenaar, bedrieger, slavenhaler en kinderneuker. Mohammed Bouyeri noemde Mohammed in zijn dreigbrief aan Ayaan Hirsi Ali die hij vast stak met een slagersmes in de borst van Theo van Gogh “de lachende moordenaar”. De mythes rond de Profeet Mohammed, dat hij dé voorbeeldige mens is die nagevolgd moet worden, zijn nog gevaarlijker dan de Koran zelf, omdat de verering van de Profeet ook in “gematigde” moslims hysterische vormen aanneemt.

Ga eens kijken naar een half uur moslimomroep. Een docu uitgezonden op zondag 24 juli 2014. Liefde voor mijn Profeet heet de docu. Nu is het zo langzamerhand wel voor 95% zeker dat Mohammed nooit bestaan heeft, maar dat doet niks af aan de enorme liefde die de moslims voelen voor deze mythische moordenaar en slavenhaler. Niet te vergelijken met gewone dagelijkse liefde, een liefde onvergelijkbaar met alle soorten liefde in deze wereld. Moslims houden meer van de profeet dan van hun ouders, van hun kinderen of van wie dan ook wordt door meerderen in deze docu beweerd. Let vooral op de man met het Ho Chi Minh-baardje: hij is voorbij de vervoering aangeland in het gebied van het onzegbare. We zien een aantal hysterische koorknapen tedere waanzin zingen.

Die glanzende, vreugdevolle hysterie van al die gekken! Maar dan de andere kant ervan! Sentimentaliteit en wreedheid zijn twee kanten van precies dezelfde medaille, weet de Wijze. Je kan je helemaal voorstellen wat er aan razernij ontstaat als deze mooie gevoelens rond de Profeet gekwetst worden. Dan berg je maar. “Vandaag de dag is de liefde voor de profeet ongekend hoog”, zegt een van de hysterici. Ja, dat hebben we in Parijs gemerkt!

Warda Bouriel is duidelijk een autochtone bekeerlinge. Je kunt haar vanaf 13:40 bewonderen. Mij boezemt ze regelrechte en oprechte angst in. Kijk naar haar ogen. Bij deze vrouw wordt de hysterie koud geserveerd:

“Mohammed is belangrijker dan wie dan ook. Belangrijker dan mijn ouders, belangrijker dan mijn man, belangrijker dan mijn kinderen. De profeet Mohammed . . . . . mijn liefde voor hem . . . . . . het gevoel dat ik voor hem heb, is belangrijker dan hun liefde.”

Nu een paar “hadiths”, anecdotes uit het leven van de Profeet die inzage geven in zijn karakter. De Barmhartige Profeet van Allah bevindt zich pas twee jaar in Medina als de slag bij Badr Hari (624) is beslecht. En dan gaat de Erbarmer wraak nemen op zijn tegenstanders en laat een algemene sfeer van doodsangst en terreurdreiging neerdalen over de stad, net zoals de “oelema” (de priesterkaste) de “oemma” (de gewone gelovigen) altijd en overal bij elke verovering naar dit voorbeeld zal bevelen te doen in de 1400 jaar die volgen.

Wat ook 1400 jaar bleef gelden, maar alleen in het allergunstigste geval, dus als er niet gewoon woordeloos begonnen werd met afslachten door de moslims: de Medinezen konden kiezen tussen bekering, de dood of een uitzinnige belasting betalen die gepaard ging met zware vernederingen, de jizya. In de praktijk van de geschiedenis van de islam bleek dat soms het afslachten werd nagelaten omdat van bergen dooie Joden, christenen of hindoes het moeilijk belasting heffen is.

Maar terug naar het positieve multiculturele sfeertje in Medina na de slag bij Badr Hari, toen Mohammed besloot op zijn persoonlijk vijanden wraak te gaan nemen. Een van de slachtoffers was een dichteres, genaamd Asma bint Marwan. Wat had zij voor vreselijks gedaan? Om te beginnen was zij een dichteres, en dus zal ook jaloezie de métier bij Mohammed een rol gespeeld hebben. Had ze nog iets speciaal ergs gedaan, deze Asma bint Marwan? Ze had gezegd dat de mensen Mohammed niet moesten geloven of navolgen en dat op een scherpe, vileine manier. Want het was een goeie dichteuze! Nou, dáár houden moslims niet van, van spot, zoals men weet. Aan relativering en twijfel doen moslims niet. Die willen respect voor het geloof van de vrede!

Dus vroeg de Gezant van de Grote Erbarmer, Mohammed himself dus, zo in het algemeen in de kring van zijn metgezellen: “Wie verlost me van Asma bint Marwan?” Umayr meldde zich. Wie was Umayr? Ach wat doet het ertoe, een van die massamoordenaars en slachters die het gezelschap van Mohammed (vrede zij met hem) vormden. Umayr ging naar de woning van Asma en doorstak haar zwangere buik terwijl ze haar jongste kind aan het zogen was. En weet je wat Mohammed over Asma tegen Umayr zei na afloop? “Twee bokken zullen om haar niet kopstoten.” Dat wil zeggen: ze was van dermate weinig belang, ze was zo min dat zelfs twee geile mannetjesdieren geen ruzie om die Asma gemaakt zouden hebben.

Het is eigenlijk bijna net zo goed als de vader van een klein meisje vermoorden en dan zeggen dat de hel wel voor het kleine meisje zal zorgen. Want dat deed Mohammed ook! Groot respect voor vrouwen en kinderen was dus een kenmerk van de Profeet van Allah. We zijn nog steeds in Medina, niet lang na de slag bij Badr in 624, en Mohammed terroriseert de stad. Mohammed had na de slag al vele Joden weten te doden en beroven, maar nu moest er nog een speciale Jood vermoord worden. Gewoon, omdat het kon. Hij had niks speciaals misdaan, zelfs Mohammed niet “beledigd”, maar hij was rijk, prominent en Jood en dus wilde Mohammed hem graag doden en van zijn bezittingen beroven.

Zes van de barmhartige metgezellen van de Erbarmprofeet van Allah-de-Erbarmer gingen zich ontfermen over Abu Rafi, want zo heette de koopman. In de nacht aangekomen bij zijn huis slachtten de barmhartige metgezellen van Mohammed Abu Rafi af terwijl hij in zijn bed lag te slapen. Maar toen de metgezellen terug waren bij opdrachtgever Mohammed (vrede zij met hem!) kregen ze onenigheid over wie aan Abu Rafi nu eigenlijk de doodssteek had gegeven. Ze kwamen er niet uit. En maar ruziën en kwebbelen!

Ze kwamen bij Mohammed terug. Mohammed zag dat gekwebbel eens even glimlachend aan en kwam toen, in zijn superieure wijsheid, met de oplossing. Hij vroeg de toffe metgezellen allen hun zwaarden te tonen en besloot dat de eigenaar van het zwaard waaraan nog voedselresten kleefden de fatale buiksteek moest hebben toegebracht. Altijd ethisch en toch praktisch, Mohammed!

Maar ook bejaarden ontsnapten niet aan Mohammeds liefdevolle aandacht. Hij liet een 100 jaar oude dichter, geheten Abu Afak, op de bekende wijze afslachten. Wat had hij gedaan, Abu Afak? Hij had de vele verboden en verplichtingen, kortom het totalitaire karakter van de leer van Mohammed gehekeld. Zeg nou zelf? Dat kan toch ook niet?

Zullen we nóg maar een vermoorde cabaretier doen? Het was de vierde in een rijtje. Ik citeer een moderne islamitische website – hij is inmiddels verdwenen, zie ik, maar het maakt niet uit: het is toch overal dezelfde debiele haatzooi –  die de episode beschrijft van de moord op Ka’b bin al-Ashraf:

“Ka’b was een echt gevaar geworden voor de sfeer van vrede en wederzijds vertrouwen die de Profeet met veel moeite probeerde te bereiken in Medina. Hij was gevaarlijk en een publieke vijand van de beginnende moslimstaat. De Profeet was behoorlijk ontstemd over hem ( . . .). Dit was deel van het grote proces ( . . .) dat zorgde dat de islam zich verspreidde en zich kon baseren op fundamenten van rechtvaardigheid en vroomheid”.

Dat klinkt in zijn intense hypocrisie vertrouwd Robespierre-achtig, Stalinistisch, Hitlereus, Maoïstisch en Pol Potterig. Je moet er een stuk of wat – of een paar miljoen, of vele miljoenen – uit de weg ruimen, maar dan heb je ook wat. Namelijk ruim baan voor het ideaal. En dat ideaal blijkt steevast opnieuw miljoenen doden te vereisen ter bestendiging. Zo ook in de islam. Het verschil met de andere ideologieën: het duurt al 1400 jaar en tot op heden voort.

Zo. En dan volgen nu de verzen uit de Koran, die ik bij Koenraad Elst heb gejat. Daaruit moet elk zinnig mens opmaken dat je met de islam maar één ding kan doen: in zijn geheel bij het grof vuil zetten en niet meer omkijken. Deze rotzooi “hervormen” of “verlichten” is onmogelijk. Dan kan de imam van de moskee in Drancy die zich uitspreekt na de slachting bij Charlie Hebdo nog zo humaan en goedwillend overkomen: er bestaat in de islam géén humaan principe rond hetwelk een hervorming van de islam zou kunnen clusteren. Het.Is.Onmogelijk.

drancy imam“Gij zult geen ongelovige vrouwen trouwen, tenzij zij het geloof aanvaarden. Een gelovige slavin is beter dan een afgodendienares, ook al behaagt deze u. Ook zult gij geen afgodendienaars trouwen, tenzij zij het geloof omhelzen. Een gelovige slaaf is beter dan een ongelovige, ook al bevalt deze u.” [2:221]

“Laat de gelovigen niet de ongelovigen tot vrienden nemen in plaats van de gelovigen.” [3:28]

“Gelovigen ! Maakt u geen vrienden behalve in uw eigen gemeenschap.” [3:118]

“En met degenen die zeggen : ‘Wij zijn christenen’, hebben wij een verbond gesloten maar zij hebben een deel van de maning vergeten. Toen hebben wij tussen hen vijandschap en haat opgewekt tot de Dag der Opstanding.” [5:14] 70)

“O gij gelovigen ! Neemt joden noch christenen als vrienden.” [5:51]

“Gelovigen ! Kiest niet als vriend iemand die het geloof hekelt.” [5:57]

“Gelovigen ! Kiest niet uw vader en uw broers als vrienden als zij het ongeloof boven het geloof verkiezen. Wie hen als vrienden houdt is een boosdoener.” [9:23]

“Niet zult gij bevinden, dat gelovigen in Allah en de Oordeelsdag genegenheid hebben voor de tegenstanders van Allah en Zijn boodschapper, zelfs al waren het hun vaders of zoons of broers of stamgenoten.” [58:22]

“Wij breken met u. Vijandschap en haat zullen tussen ons heersen tot gij gelooft in Allah alleen.” [60:4]

“O gelovigen, verbindt u niet met lieden op wie God vertoornd is. Zij hebben geen hoop voor het latere leven, zoals de gelovigen geen hoop meer hebben voor de begravenen.” [60:13]

“Strijdt op de weg van Allah tegen hen die u bestrijden; en overschrijdt de maat niet, want Allah houdt niet van maat-overschrijders. En doodt hen waar gij hen aantreft, op de plaatsen waaruit zij u verdreven hebben. Het ongeloof is erger dan de doodslag. Bestrijdt hen echter niet nabij het gewijde gebedshuis, zolang zij u daar niet bestrijden, maar als zij u toch bestrijden, doodt hen dan.” [2:190-191]

“Strijdt tegen hen tot de afgodendienst niet meer bestaat en de religie geheel aan Allah behoort.” [2:193, herhaald in 8:39]

“O gelovigen, houdt geduldig vol en biedt geduldig weerstand en rust u uit voor de strijd en vreest Allah.” [3:200]

“Zij die geloven, strijden op de weg van Allah, maar de ongelovigen strijden op de weg van de afgod. Bestrijdt dus de handlangers van Satan.” [4:76]

“Strijdt dan op de weg van Allah, zonder een last op u te nemen tenzij voor uzelf, en spoort de gelovigen aan.” [4:84]

“Als zij zich van u afkeren, grijpt hen en brengt hen ter dood waar ge hen maar vindt.” [4:89]

“Doch de straf voor hen die Allah en Zijn boodschapper bestrijden en verderf (= ongeloof) brengen in het land, is dat zij gedood worden of gekruisigd, dat hun beide handen of voeten afgehakt worden, of dat zij verbannen worden.” [5:33]

“Ik zal terreur zaaien in het hart van de ongelovigen. Slaat hun het hoofd af, verminkt hen in alle ledematen.” [8:12]

“Strijdt tegen hen tot de afgodendienst niet meer bestaat en de religie geheel aan Allah behoort.” [8:39, idem als 2:193]

“En treft voorbereidingen tegen hen, met wat gij hebt aan weerbaarheid en paardenmacht, om daarmee Allahs vijand te verschrikken.” [8:60]

“O gij profeet, spoort de gelovigen aan tot de strijd.” [8:65]

“Doodt de afgodendienaars waar ge hen maar vindt, neemt hen gevangen en belegert hen en bereidt hun alle soorten hinderlaag.” [9:5]

“Strijdt tegen hen. Allah zal hen door uw handen straffen en hen vernederen.” [9:14]

“Bestrijdt hen die niet geloven in Allah, noch in de Laatste Dag, en die niet verboden stellen wat Allah en Zijn boodschapper verboden hebben gesteld (= de heidenen), en hen die zich niet voegen naar de ware religie onder degenen aan wie de Schrift gegeven is (= joden en christenen), totdat zij uit de hand de schatting opbrengen in onderdanigheid.” [9:29]

“Rukt uit lichtbeladen en zwaarbeladen en strijdt, met uw bezittingen en uw persoon, op de weg van Allah.” [9:41]

“Voert oorlog tegen de ongelovigen en de huichelaars en pakt hen hard aan.” [9:73, ook 66:9, zelfde vers als in citaat 29] De “huichelaars” waren degenen die Mohammed zijn zin gaven en hem tot profeet verklaarden, maar weigerachtig waren om effektief zijn djihaad te steunen.

“Voorzeker, Allah heeft van de gelovigen hun bezit en hun persoon gekocht in ruil voor het paradijs: zij vechten op de weg van Allah en doden en worden gedood.” [9:111]

“Strijdt tegen de ongelovigen in uw omgeving, en laat hen hardheid in u vinden.” [9:123]

“Luistert niet naar de ongelovigen en bestrijdt hen met grote ijver.” [25:52]
“Verzamel hen die verkeerd deden, samen met hun vrouwen, en met dat wat zij vereerden in plaats van Allah, en stuur hen de weg op naar het hellevuur.” [37:22-23]

“Wanneer gij de ongelovigen tegenkomt, houwt dan in op hun nek en wanneer gij onder hen een bloedbad aangericht hebt, bindt hen (= de overlevenden) dan in de boeien.” [47:4]

“Mohammed is Allahs apostel. Zij die hem volgen zijn meedogenloos voor de ongelovigen maar mild voor elkander.” [48:29]

“Zij zullen zeggen : ‘Lof zij Allah die Zijn belofte aan ons gestand gedaan heeft en ons de aarde heeft doen beërven, dat wij in het paradijs mogen wonen waar het ons belieft.’ Gezegend is de beloning van de gerechtigen.” [39:74]

“Alle landen behoren toe aan de moslims, want ze behoren toe aan hun God.”
“U is voorgeschreven te strijden, ook al is het met tegenzin. Maar mogelijk hebt gij tegenzin in iets, hoewel het goed is voor u.” [2:216]

“Of meent gij, dat gij het Paradijs zult binnengaan zonder dat Allah diegenen onder u heeft leren kennen die strijd voeren, en de geduldig volhardenden ?” [3:142]

“En indien gij gedood wordt op de weg van Allah, of sterft, dan is waarlijk de vergiffenis van Allah en de barmhartigheid beter dan wat gij vergaart. En indien gij sterft of gedood wordt, dan wordt gij tot Allah vergaderd.” [3:157-158]

“Laten zij op de weg van Allah strijden, die het nabije leven verkopen voor het latere leven. Wie strijdt op de weg van Allah, en dan gedood wordt of overwint, die zullen wij een ontzaglijk loon geven.” [4:74]

“Wanneer gij de ongelovigen ontmoet, klaar voor de strijd, wendt hun dan niet de rug toe. Wie hun de rug toewendt, tenzij in een taktische beweging of om het moslim-leger te vervoegen, die haalt zich Allahs toorn op de hals, en zijn bestemming is de hel, een ellendige reis.” [8:15-16]

“Zij die geloven en uitgeweken zijn (met Mohammed naar Medina), en die strijden op de weg van Allah met hun bezittingen en hun persoon, zijn hoger in rang bij Allah. En diegenen, dat zijn de gelukzaligen.” [9:20]

“Indien gij niet uitrukt, zal Hij u straffen met pijnlijke bestraffing, en zal Hij een ander volk voor u in de plaats stellen.” [9:39]

“Allah heeft van de gelovigen hun persoon en bezittingen hiermee gekocht, dat voor hen het Paradijs zal zijn, zodat zij strijden op de weg van Allah en doden en gedood worden, zoals toegezegd in de Thorah en het Evangelie en de Koran. Wie vervult zijn verbondsplicht beter dan Allah? Verheugt u dan over de handel die ge met Hem zijt aangegaan. En dat is de grote gelukzaligheid.” [9:111]

“De gelovigen zijn slechts zij die geloven in Allah en Zijn boodschapper en daarna niet meer twijfelen en die strijden op de weg van Allah met hun bezittingen en hun persoon. Diegenen, dat zijn de oprechten.” [49:15]

“Zij die ongelovig zijn (…) Verzegeld heeft God hun harten en over hun gehoor en hun blikken is een sluitdoek. Voor hen is een ontzaglijke bestraffing weggelegd.” [2:6-7]

“In hun (= van degenen die in God zeggen te geloven, maar geen moslim worden) harten is krankheid en God heeft hun krankheid nog vermeerderd en voor hen is er een pijnlijke bestraffing omdat zij leugenachtig waren.” [2:10]

“(Indien gij vanwege uw afgoden geen soera kunt doorkrijgen zoals mijn soera’s,) vreest dan het vuur waarvan mensen en stenen (= afgodsbeelden) de brandstof zijn, dat voor de ongelovigen is bereid.” [2:24]

“Maar geen anderen doet hij daarmede (= met duistere gelijkenissen in de Openbaring) dwalen dan de kwaadbedrijvers die de band van God verbreken nadat zij met Hem een verbond gesloten hadden, en die uit elkaar halen wat God geboden heeft te verenigen, en die verderf (= ongeloof) brengen op de aarde. Diegenen zijn de verliezenden.” [2:27]

“Maar zij die ongelovig zijn en Onze tekenen voor leugen verklaren, die zijn de lieden van het vuur en zij zijn daar eeuwig-levend.” [2:39]

6) “Wie iets anders dan de islam tot godsdienst wenst, het zal van hem niet aanvaard worden en hij zal in het hiernamaals de verliezer zijn.” [3:85]

“Indien u een klap treft, dan treft zeker een gelijke klap de vijand. Op die strijddagen geven wij afwisselend geluk aan de mensen, opdat Allah hen kent die geloven, en Zich uit uw midden geloofsgetuigen (= martelaren) neemt – want Allah bemint de onrechtdoeners niet -, en opdat Allah de gelovigen loutert en de ongelovigen vernietigt.” [3:140-141]

“Maar niet is er berouwvolle terugkeer (…) voor hen die sterven terwijl zij ongelovig zijn. Voor hen hebben wij een pijnlijke bestraffing bereid.” [4:18]

“Zij die ongelovig zijn aan Onze tekenen, die zullen Wij branden in een vuur. Telkens wanneer hun huid gebakken is, verwisselen wij ze met een andere huid, opdat zij de bestraffing smaken. Allah is waarlijk geweldig en wijs.” [4:56]

“De ongelovigen, ook al bezaten zij al de schatten van de wereld en nog eens zo veel, om zich daarmee vrij te kopen op de Dag der Opstanding, het zal niet aanvaard worden van hen. Voor hen is er een pijnlijke bestraffing. Zij willen ontkomen aan het vuur, maar zij zullen er niet aan ontkomen. Voor hen is er bestendige bestraffing.” [5:36-37].

“Ongelovig zijn zij die zeggen : God, dat is de messias, de zoon van Maria – terwijl toch de messias gezegd heeft : o Israëlieten, dient God, mijn heer en uw heer. Waarlijk, wie schepselen met Allah associeert, voor hem maakt Allah het paradijs verboden, en hij zal in het hellevuur geworpen worden.” [5:72]

“En als gij eens zaagt, wanneer de engelen de doodsschuld invorderen van de ongelovigen, hoe zij hen slaan op hun gezicht en hun rug: smaakt de bestraffing van het vuur.” [8:50]

“Zoals het was met het geslacht van Farao en met hen die vroeger ongelovig waren aan de tekens van Allah, zodat Allah hen greep om hun boosheden. Allah is krachtig en hevig in kastijding.” [8:52]

“Niet staat het aan de genotengevers (= de polytheïsten) dat zij de bedeoorden Gods omwonen, getuigenis gevend over zichzelf van ongeloof. Hun daden zijn vruchteloos, en in het vuur zijn zij, eeuwig-levend.” [9:17]

“O gelovigen, de afgodendienaars zijn slechts onreinheid.” [9:28]

“Hun (= van de ongelovigen) bestemming is de hel, en een ellendige reis is dat.” [9:73]

“Het is de profeet en de gelovigen niet geoorloofd vergiffenis te vragen voor de afgodendienaren, zelfs al waren dezen verwanten, nadat hun (= de moslims) duidelijk is geworden dat zij (= de ongelovigen) het volk der hel zullen zijn.” [9:113]

“De ongelovigen zullen later (= na de dood) wensen dat zij moslims geweest waren.” [15:2]

“En het oordeel komt nabij. Zie hoe dan de blikken van de ongelovigen uitpuilen : wee ons, wij waren onwetend hierover. Gij en uw afgoden zijt de stenenlaag van de hel, en daarin zult gij terechtkomen.” [21:98-100]

“Voor de ongelovigen worden kleren van vuur gesneden, terwijl over hun hoofd het hellekooksel uitgegoten wordt. Waardoor hun ingewanden en hun huid gesmolten worden. En voor hen zijn er haakstokken van ijzer. Telkens zij in angst daaraan willen ontkomen, worden zij erin teruggebracht en : ‘Smaakt de bestraffing van het vuur !'” [22:19-22]

“Voor de ongelovigen die onze tekenen voor leugens houden, is er een vernederende bestraffing.” [22:57]

“Voor die de Oordeelsdag voor onwaar houden, hebben wij een vuurgloed bereid.” [25:11]

“Zij die voor leugen houden wat gij gezegd hebt, zij zullen het niet kunnen afwenden of hulp vinden. Wie u onrecht doet, die zullen wij een grote bestraffing doen smaken.” [25:17-19]

“De ongelovige is een vijand van Allah.” [25:55]

“En zij die ongelovig zijn aan de tekenen van Allah en aan de ontmoeting met Hem, zij kunnen niet hopen op Mijn barmhartigheid en voor hen is er een pijnlijke bestraffing.” [29:53-55]

“En de ongelovigen worden in scharen naar de hel gedreven (…) het woord van de bestraffing wordt voltrokken aan de ongelovigen.” [39:71-72]

“En aldus is verwezenlijkt het woord van uw Heer over de ongelovigen, dat zij lieden van het vuur zijn.” [40:6]

“En op de dag waarop de ongelovigen aan het vuur worden blootgesteld… zegt Hij : ‘Smaakt dan de bestraffing voor het ongeloof dat gij bedreeft.'” [46:34]

“Hun (= van de ongelovigen) bestemming is de hel, en een ellendige reis is dat.” [66:9; idem als 9:73]

“Wanneer hem Onze tekenen (= de Koranverzen) voorgedragen worden, zegt hij : ‘Dat zijn maar antieke vertelsels’; Wij zullen hem een brandmerk geven op zijn aangezicht.” [68:10-13]

“Grijpt hem (= wie de openbaring afwijst) en boeit hem, en doet hem daarna braden in het hellevuur.” [69:30-37]

“De afdwalers zijn brandhout voor de hel.” [72:14-15]

“De ongelovigen onder het Volk van het Boek (d.i. joden en christenen) en de heidenen zullen voor eeuwig branden in het vuur van de hel. Zij zijn de gemeenste van alle wezens.” [98:6]

UPDATE 11 JANUARI 2015:

Ik heb zoveel briljante stukken geschreven dat ik ze soms zelf vergeet. Neem nou het stuk van april 2013 “Fatwa’s zijn de sharia in actie” (samen met Roelf-Jan Wentholt) dat niet alleen de wrede en agressieve willekeur van de islam blootlegt, maar vooral de ONHERVORMBAARHEID van de islam onweerlegbaar aantoont.

REHANA BEHEADED________________

Dit stuk is doorgeplaatst op E. J. Bron

Advertenties