Toen ik in 2005, 2006 en 2007 mijn dochter nog naar de basisschool bracht in Amsterdam, had ik vaak een zwart T-shirt aan met daarop in duidelijke witte letters:

OOK JOUW KINDEREN
zullen de gevolgen ondervinden van
de narcistische illusies van de
perverse zelfmanifestanten

Ja, dat vonden die ouders van die Montessori-school best wel een beetje raar. Vooral als ze vroegen me uit te leggen wat ik bedoelde. Duidelijker kon je in die tijd niet zijn, althans niet op straat. Eh . . . . nog steeds niet eigenlijk. Eh . . . . minder nog.

Nóg een T-shirt-anecdote: ik had, toen mijn kind pas een jaar of vijf was, een blauw-wit T-shirt gekocht dat heel duidelijk pro- Israël was. Toen ik het haar wilde laten dragen, realiseerde ik me dat zulks niet meer mogelijk was in het Amsterdam van die tijd. En nu nog minder. Wat zegt u? Ja, ik heb in het verleden vaak gezegd dat ik geen kinderen heb en als ik dan die anecdote van dat Israël-T-shirtje vertelde dan zei ik dat het om mijn kleine nichtje ging. Want ook toen wist ik al dat het waar was wat Paul Weston in een artikel van 2007 (!) op “Gates of Vienna” – wat een rare naam nou toch voor een weblog – voorspelde: de komende burgeroorlog.

De nu op gang komende burgeroorlog, zegt Paul Weston nu tien jaar later, “could still be stopped in its tracks”, maar althans in Engeland moeten de politici die dat zouden kunnen doen, door radicaal de moslim-immigratie te stoppen, nog gekozen worden.

Hij citeert in bovenstaande video uit deel 2 van zijn eigen artikel uit 2007:

Is European Civil War Inevitable By 2025?

“Islamic terrorist activity is being constantly thwarted by European intelligence services, but over the next ten years some of these Jihadists will slip through the net and carry out their next very large atrocity. Although most Europeans are still in a deep liberal sleep regarding Islam, this will not last. By 2017 the tensions between Europeans and Islam will have become nerve jangling. Impotent officials will employ ever-stricter government controls in a futile attempt to preserve the façade of societal order.

Somewhere between 2017 and 2030, during a period of heightened tension, Islamists in France, Holland or Britain will blow up one church, train or plane too many. Retaliation will begin and they, in turn will respond. So will the spiral begin.

The police are unable to cope now; they will be even less prepared then. The army will be drafted in, and members of the military who are even willing to carry out orders against their neighbours will find themselves massively outnumbered and outflanked. Civilians will be massacred. And so begins the civil war.

When the violence reaches a tipping point every person — be they moderate or extremist in their views — will be forced to take sides in this war. There will be no bystanders, and no civilians. Moderate Muslims will in all likelihood take the sides of the extremists. This war will resemble none of Europe’s previous conflicts, with their standing armies massed along clearly delineated lines. In the coming conflagration, it will initially be civilians, armed not with tanks and machine guns, but with knives, bombs and terror, who will call out the dogs of war.”

The dogs of war? The dogs of war? Waaraan doet me dat toch denken?

Ik citeer uit een stuk van mijn eiges rond de multiculturele problematiekvan 1998 (!) onder de titel  “Een gezond instinct voor eigen volk”:

“Een zondag in 1998. Ik voerde, na mijn joggings-rondjes in een Amsterdams park, mijn wekelijkse gesprek met een gezelschap oudere heren dat daar op een vaste tijd en plek lichte oefeningen doet. Het ging al gauw over allochtonen, zoals altijd in bepaalde buurten van Amsterdam. Plotseling mengde zich een voorbijganger in het gesprek, een geblokte en besnorde vijftiger met de uitstraling van een sergeant-majoor.

Aan de lijn hield hij een enorme zwarte hond met slierten kwijl rond de bek. Terwijl ik aan ‘Black Dogs’ van Ian McEwan moest denken – hoofdstelling: grote, zwarte, verwilderde nazi-honden zullen Europa opnieuw bezoeken – en het beest voortdurend grommend aan de riem rukte, begon zijn baas ons een monoloog in het gezicht te schreeuwen, waarin hij vertelde dat al die buitenlanders vergast of anders wel met vlammenwerpers gedood moesten worden. Hij koos mij tot voornaamste mikpunt van zijn agressie, misschien omdat de anderen hem al kenden, of misschien omdat ik probeerde er af en toe een paar woorden tussen te krijgen. Dat lukte nauwelijks, want de man was zo uitzinnig van haat, dat ik telkens niet verder kwam dan: “Ik begrijp je haat, maar …” Ik begreep helemaal niks, schreeuwde hij dan. Want wat ik in zijn woorden beluisterde was helemaal geen haat, maar liefde, bulderde hij zeker drie keer en hij meende het serieus. En als ik dacht dat hij een racist was, dan moest ik maar eens aan de andere heren hier vragen met wat voor vrouw hij getrouwd was. Nou, die was toevallig pikzwart. De andere heren, die bij de rest van zijn betoog gegeneerd hadden gekeken, knikten opgelucht van ja-dat-klopt. Later vroeg ik mij af of ik nu een manifestatie had gezien van de stelling van Jacques de Kadt dat het fascisme in oorsprong liefde is.

( . . .)
Op donderdag 3 december 1998 liepen we door de Leidsestraat in Amsterdam, al thans ik liep, want sinds mijn driejarige dochter de zitplaats op mijn nek heeft ontdekt, wandelt ze zelf nog weinig. Ze had haar rode hoedje op en neuriede. Het was een middag met lekker prikkelende winterlucht en ouderwetse sinterklaassfeer met al die winkelende mensen. Ik voelde mij Hollander. In een zijstraat kocht ik patat voor mijn kind in een tent met het opschrift ‘Vlaamse friet’, waar een allochtoon achter de toonbank bleek te staan. Zelfs mijn Amsterdams-straatwijze oog kon niet meteen schatten waar ter wereld hij vandaan kwam, maar we begrepen elkaar zonder woorden. Gezond instinct, zeg ik altijd maar, herkent eigen volk meteen. De patat voor Isabelle was gratis. Verder lopend bedacht ik dat dit land, Nederland, een land vol onrechtvaardigheden en gektes is, maar niettemin het beste land ter wereld. Ik wil dat dat zo blijft, want mijn kind moet erin opgroeien. Wanneer ik ooit letterlijk in het geweer zou moeten komen om in dit land te handhaven waaraan ik trouw wil blijven, is het al te laat. Ik ben niet van het lieveheersbeestje, maar oorlog is de ultieme nederlaag.”

_________________

(Jan Winkelman tipte me over die video van Paul Weston)

Advertenties