Gisteren in de sportschool.
De opbergkluisjes in de kleedkamer zijn electronisch.
Ik wil gaan trainen en mijn spullen opbergen.
Op een scherm verschijnt het nummer van mijn kluisje.
Ik heb 15 seconden om het kluisje te spotten en te openen.
Het zijn veel kluisjes in een grote ruimte en soms is dat snelle spotten moeilijk.
Ik ben bijna te laat als ik mijn kluisje heb gevonden.
Een Ottomaans uitziende man is bezig met het geopende kluisje naast het mijne.
Zijn behaarde schouders bevinden zich precies voor mijn kluisje.
Ik tik ‘m op ‘n schouder terwijl ik sorry zeg.
Hij kijkt verbijsterd en oprecht geschrokken om.
“Niet aanraken! Niet aanraken!”, roept hij.
Ik vraag: “Nou, in deze context kon dat toch wel?”
Ja, dat zei ik echt.
Ik doelde natuurlijk op mijn haast en zijn blokkering.
Maar hij blijft uiterst verontwaardigd.
Hij zegt: “In jouw cultuur misschien goed. In mijn cultuur niet.”
Ik vraag maar niet of die “cultuur” wellicht de Uebermenschen-cultuur van de islam is, waarin het voor een gelovige haram is om door een ongelovig zwijn te worden aangeraakt.
_________________

Advertenties